
Achternaam: Bellamy
Voornaam: Jacobus
Geboren: 12-11-1757
Te: Vlissingen
Overleden: 11-03-1786
Te: Utrecht

Pseudoniem(en): Jacobus Bellamy gebruikte
het pseudoniem Zelandus. Eigenlijk
heette hij Bellami. In 1785 heeft hij de 'i' in een 'y' veranderd.

|
Voor tweedehands boeken |
Ook van Jacobus Bellamy |
|
Raban Internet Antiquariaat |
Klik
hier ! |

Werk:
Poëzie:
- Gezangen mijner jeugd (1782)
- Roosje (1784)
- Vaderlandsche gezangen van Zelandus (2 delen) (1782/1783)
- Gezangen van J. Bellamy (1785)
- Gedichten (1844)
Brieven:
- 1 brief van Bellamy aan juffrouw De Bruin (d.d. 16-11-1784)
in 'Het hart op de tong', samengesteld door Dr. W.Gs. Hellinga
(1941)
Overig non-fictie:
- Proeven voor het Verstand, den Smaak en het Hart, door Jacobus
Bellamy en eenigen zijnerkunstvrienden (1784)
Bloemlezingen:
'Gebloemleesd'
Poëzie:
- 7 gedichten in 'Onze dichters', door Gust. van Elring (1909)
- 3 gedichten in 'De spiegel van de Nederlandse poëzie
door alle eeuwen 1100-1900', samengesteld door Victor E. van
Vriesland (1955)
- 5 gedichten in 'Poëzie uit den Pruikentijd', bijeengebracht
door Anton van Duinkerken en C.J. Kelk (1955)
- 1 gedicht: 'Liefde en wijn' in 'De Muze viert feest', bijeengebracht
door Gerrit Borgers (CPNB, 1960)
- 1 gedicht: 'Waarom de liefde geblind wordt' in 'De liefde
zingt in verzen', bijeengebracht door C.J. Kelk en Halbo C. Kool
(z.j.)
- 1 gedicht: 'Michiel de Ruyter, held der Zeeuwen' in 'Het
land der letteren', samengesteld door Adriaan van Dis en Tilly
Hermans (1982)
- 2 gedichten in 'Ik heb de liefde lief. De mooiste liefdesgedichten
uit de Nederlandse en Vlaamse poëzie', samengesteld door
Willem Wilmink (1993)
- 1 gedicht: 'Liefde en wijn' in 'Wijngedichten. Dichters houden
van wijn', samengesteld door Rudolf Pierik (2004)
- Het 'Woordenboek der Nederlandsche Taal' (WNT) citeert uit
vier werken van Bellamy.
Proza:
- 3 citaten in 'Andermans wijsheid', bijeengebracht door K.
ter Laan (1961)
- 1 citaat in 'Spectrum citatenboek', samengesteld door C.
Buddingh' (1967): 'Een natie, die dichters heeft en die miskent,
is alle verachting waardig: daar een volk, dat zijn genieën
eerbiedigt, voor zich, en voor zijne dichters, een geduurzaam
eeretteken oprigt.'
- 1 verhaal: Fragment van eene sentimenteele historie', in:
'Spectrum van de Nederlandse Letterkunde 19, Gevoelige harten,
In de ban der romantiek', samenstelling, inleiding en toelichting
Dr. M.C.A. van der Heyden (1969)
- 2 citaten in 'Kosmos groot citatenboek' (1986)
- 1 parodie: 'Fragment van ene sentimentele historie' in 'Ik
ben geboren in Apeldoorn. Groot parodieënboek' (samenstelling
Rody Chamuleau en J.A. Dautzenberg) (1994)
Tijdschriften:
- Jacobus Bellamy debuteerde onder het speudoniem Zelandus
in 'De Post van den Nederrhijn', een patrottisch tijdschrift.
- Jacobus Bellamy gaf de tijdschriften 'Proeven voor het verstand,
den smaak en het hart' (1784/1785) en 'De poëtische spectator'
(1784/1786) uit.
Diversen: (Zonder
een schijn van volledigheid)
- W.A. Ockerse en A. KLeijn, 'Gedenkzuil op het graf van Jacobus
Bellamy' (1822)
- J. Dyserinck, 'Ter nagedachtenisvan Jacobus Bellamy' (1881)
- J. Hoeksma, 'Jacobus Bellamy' (1903)
- J. Aleida Nijland, 'Leven en werken van Jacobus Bellamy'
(2 delen, 1917)
- Een hoofdstuk over Jacobus Bellamy in Hans Heesen & Harry
Jansen, 'Pen in ruste. Schrijversgraven in Midden-Nederland'
(2001)
- De Stichting Literaire Activiteiten Utrecht presenteerde
in maart 2008 de Utrechtse Literaire Canon. Jacobus Bellamy stond
op plaats 5.

Opmerkingen:
- Jacobus Bellamy werd geboren in Vlissingen, in een arm gezin.
Zijn vader (Zwitser van afkomst) overleed toen Jacobus vier jaar
was. Jacobus werd opgevoed door zijn grootvader. Al heel jong
moest Jacobus Bellamy aan het werk als bakkersknecht.
- Hij schreef gedichten en deze gedichten trokken de aandacht
van de Vlissingse predikant Jona Willem te Water. Deze predikant
zorgde ervoor dat Jacobus Bellamy in Utrecht theologie kon gaan
studeren.
- In Utrecht werd hij actief lid van het dichtgenootschap 'Dulcis
ante omnia Musa'.
- Met zijn 'Vaderlandsche gezangen' koos Jacobus Bellamy de
kant van de patriotten.
- Jacobus Bellamy koos bewust voor een eenvoudig woordgebruik.
Hij schreef vaak rijmloze verzen.
- Jacobus Bellamy probeerde het gebruik van de ballade in ere
te herstellen. Zijn Ballade 'Roosje' is bekend gebleven.
- Jacobus Bellamy was zijn hele leven ziekelijk.
- Bellamy stierf op zijn studentenkamer aan de Lange Nieuwstraat
18 in Utrecht in het bijzijn van twee vrienden. Op het pand is
een gevelsteen aangebracht ter herinnering aan Jacobus Bellamy
en later nog een bordje ter herinnering aan Bellamy en zijn huisgenoot
Pieter Quint Ondaatje.
- Jacobus Bellamy werd op 17-03-1786 (bij fakellicht) begraven
in de St.-Nicolaaskerk in Utrecht. De zerk en de gedenkplaat
zijn nog in de kerk te zien, maar niet meer op de oorspronkelijke
plaats, bij het koor tegenover de preekstoel (bij de aanleg van
een verwarmingssysteem moesten ze daar verdwijnen). Elders in
de kerk bevindt zicht nog een grafsteen met daarop 'Hier rust
J. Bellamy'.

Anderen over Jacobus Bellamy:
- Neen ze schamen zich niet. En als bewys haal ik hier de volgende
vertelling aan, die in myn jeugd zeer en vogue was. Ze zal wel
te vinden zyn in deze of gene levensbeschryving van Bellamy,
waarin trouwens niet veel te beschryven valt, want aan heel veel
anders dan 't maken van een paar onnozele versjes heeft hy zich
niet schuldig gemaakt. (Multatuli, Idee 886)
- Vooral de persoon van Bellamy moet op de tijdgenoot indruk
gemaakt hebben. Hij zag er robuust uit, gedroeg zich onconventioneel,
was zeer enthousiasmerend. Wilde desnoods met geweld de stijfgeworden
klassicistische genootschapspoëzie in een nieuwe richting
stuwen. Maar achter zijn luidruchtig activisme school een fond
van gevoeligheid en twijfel, dat deze zogenaamde bestrijder van
het sentimentalisme toch dicht in de buurt van Feith bracht.
(P.J. Buijnsters, 't Is vol van schatten hier)
- In weerwil van zijn voortdurende gekwakkel was Bellamy een
beer van een vent, 'breed van borst en schouders, hoog van gestalte
en buitengewoon sterk van spieren' - de sterkste dichter van
Nederland. Hij liep met twee studiegenoten onder de armen door
de kamer, zette schuingezakte hooiwagens recht, enzovoort. Het
is één van die krachttoeren die mogelijkerwijs
heeft bijgedragen aan zijn vroege dood. Om de sterke van zijn
gebit te demonstreren zou hij wel eens even een pennemes doorbijten.
Dat lukte, maar mij slikte het afgebeten stuk per ongeluk ook
in. (Hans Heesen & Harry Jansen, Pen in ruste. Schrijversgraven
in Midden-Nederland, blz. 32)
- Studeerde theologie in Utrecht, en woonde er maar vijf jaar,
tot aan zijn ontijdige dood op 28-jarige leeftijd. Maar in die
korte periode is wel zijn hele productie samengebald. Zijn eerste
dichtbundel Gezangen mijner jeugd verscheen hier. Ook werd hij
in Utrecht hoofdredacteur van het vriendentijdschrift Proeven
voor het verstand, den smaak en het hart,richtte hij De Poëtische
Spectator op, schreef hij zijn bundel Vaderlandsche gezangen
van Zelandus en de bekende romanze Roosje. Hij was zeer actief
in de patriottenbeweging. (Omschrijving Bellamy in Utrechts Literaire
Canon)

Uit mijn weblog: 18-10-2005:
In Vlissingen wordt de laatste jaren flink gebouwd. Er zijn
aan de boulevard een paar hoge nieuwe gebouwen verrezen en in
het centrum ligt een enorm diepe bouwput. Voor de internetbladzijde
over Jacobus Bellamy (1757-1786) heb ik foto's gemaakt van het
Bellamypark en van de plaquette aan zijn geboortehuis, die daar
sinds 1850 hangt. Onverlaten hebben zijn ogen op die plaquette
een blauwe kleur gegeven.


In het Bellamypark staat een gietijzeren fontein ter nagedachtenis
aan Betje Wolff en Aagje Deken. Deze fontein stamt uit 1884. Betje
Wolff werd in 1738 in Vlissingen geboren. In 1755 veroorzaakte
zij in Vlissingen een schandaal, omdat ze zich liet schaken door
de oud-vaandrig Matthijs Gargon. Na enkele dagen kwam ze ontgoocheld
naar Vlissingen terug. In 1759 trouwde ze met dominee Adrianus
Wolff. Ze verliet toen Vlissingen.



Mijn favoriete citaat:
In een kring van jongelingen,
Bij den warme haard gezeten,
Drinken wij den purpren nektar.
Gulheid lacht in aller oogen,
Ieder vult den glazen beker
Op het welzijn van zijn meisje.
En dan vullen wij de glazen
Op het welzijn aller schoonen.
(Jacobus Bellamy, De jongelingen, fragment)

Links:
Terug naar de eerste pagina /homepage
Citaten zoeken op trefwoord
Overzicht van trefwoorden
Citaten zoeken op auteur
Overzicht van auteurs
Overzicht van bibliografieën
Andere interessante internet-bladzijden
Vanaf 08-08-2008
Bronnen o.a.:
- C. Buddingh', Encyclopedie voor de wereldliteratuur (1954)
- Querido's letterkundige reisgids
- Spectrum Nederlandstalige auteurs (1985)
- De Nederlandse en Vlaamse auteurs van middeleeuwen tot heden
(1985)
- Oosthoek Lexicon Nederlandse & Vlaamse literatuur (1996)
- Hans Heesen e.a., Waar ligt Poot? (1997)
©2008 Mats
Beek, Veenendaal