
Achternaam: van Eeden
Roepnaam: Frederik
Voornamen: Frederik Willem
Geboren: 03-04-1860
Te: Haarlem
Overleden: 16-06-1932
Te: Bussum

Pseudoniem(en): Frederik van Eeden debuteerde
onder het pseudoniem Cornelis Paradijs
met de dichtbundel 'Grassprietjes'. Hij gebruikte ook de pseudoniemen
Lieven Nijland (voor een ingezonden stuk in 'De Nieuwe Gids',
waarin hij kritiek leverde op zijn eigen boek 'Johannes Viator'),
Sebastiaan Slaap en Varius (o.a. in 'Almanak van het Amsterdamsch
Studentencorps').

|
Voor tweedehands boeken |
Ook van Frederik van Eeden |
|
Raban Internet Antiquariaat |
Klik
hier ! |

Werk:
Poëzie:
- Grassprietjes of Liederen op het gebied van Deugd, Godsvrucht
en Vaderland (1885)
- Ellen, een lied van de smart (1891)
- Het lied van schijn en wezen (1895)
- Enkele verzen (1898)
- Van de passielooze lelie (1901)
- Dante en Beatrice en andere verzen (1908)
- Het lied van schijn en wezen II (1910)
- Aan mijn engelbewaarder (1922)
- Het lied van schijn en wezen III (1922)
- Jeugd-verzen (1926)
- Het krabbetje en de gerechtigheid (vouwblad, 1959)
- Gedachten (vouwblad, 1969)
Proza:
- Het rijk der wijzen (1882)
- De kleine Johannes (1887)
- Johannes Viator (1892)
- Van de koele meren des doods (1900)
- vervolg (De kleine Johannes) (1905)
- vervolg (De kleine Johannes) (1906)
- De nachtbruid (1909)
- Sirius en Siderius 3 delen) (1912-1924)
- Paul's ontwaken (1913)
- De heks van Haarlem (1915)
- Jezus' leer en verborgen leven (1919)
- Het roode lampje (2 delen) (1921)
- Het Godshuisi n de lichtstad (1921)
- Uit Jezus' oopenbaar leeven (1922)
- Het krabbetje en de gerechtigheid. Een sprookje van Windekind
(1957)
- Dromenboek (door D. Schlüter) (1979)
Dagboeken:
- Mijn dagboek I-IV (1931)
- Mijn dagboek V-VI (1933)
- Mijn dagboek VII-VIII (1934)
- Mijn dagboek IX (1946)
- Dagboek 1878-1923 (door H.W. van Tricht) (4 delen) (1971-1973)
- Walden in droom en daad (door J.S. de Ley en B. Luger geannoteerd
Walden-dagboek) (1981)
Toneel (gedeeltelijk in dichtvorm):
- De paddestoel of De gevaarlijke hartstocht. Blijspel in twee
bedrijven (1882)
- Frans Hals (1884)
- Het sonnet (1884)
- Het poortje of De Duivel in Kruimelburg (1884)
- De student thuis (1886)
- Don Torribo (1890)
- De broeders (1894)
- Lioba (1896)
- Minnestral (1907)
- Ysbrand (1908)
- De broederveete (heruitgave van 'De broeders') (1912)
- De heks van Haarlem (1915)
Brieven:
- Brieven van Frederik van Eeden. Fragmenten eener briefwisseling
uit de jaren 1889-1899 (1907)
- Brieven van Frederik van Eeden aan Henri Borel (1933)
- 1 brief van Jacobus van Looy aan Van Eeden (d.d. 16-09-1886)
in 'Het hart op de tong', samengesteld door Dr. W.Gs. Hellinga
(1941)
- 1 brief van Frederik van Eeden aan Van Looy (d.d. 27-09-1886)
in 'Het hart op de tong', samengesteld door Dr. W.Gs. Hellinga
(1941)
- 1 brief van Van Eeden aan mevrouw A. Israels-Schaap (d.d.
20-06-1888) in 'Het hart op de tong', samengesteld door Dr. W.Gs.
Hellinga (1941)
- De briefwisseling tussen F. van Eeden en Lod. van Deyssel
(door H.G.M. Prick en H.W. van Tricht) (1964)
- J.A. Dèr Mouw, Brieven aan Frederik van Eeden (ingeleid
door Harry G.M. Prick) (1971)
- Op 26 juni 1984 werden in Amsterdam 101 brieven van Van Eeden
aan zijn oudste zoon Hans geveild.
- 1 brief van Willem Kloos aan Frederik van Eeden (13-10-1888)
in 'Briefgeheim', samengesteld door René van Stipriaan
(1993)
- 1 brief van Lodewijk van Deyssel aan Frederik van Eeden (15-09-1892)
in 'Briefgeheim', samengesteld door René van Stipriaan
(1993)
Vertalingen:
- Rabindranath Tagore, hongerige Steenen (2 delen) (1920)
- Rabindranath Tagore, De Hoovenier
Vertaald:
- Glückliche Menschheit. (Mit einer Einleitung von Franz
Oppenheimer; Autorisierte Übertragung aus dem Englischen
von Julie Sotteck.) (1913)
- De geestelijke verovering der wereld. Een oproep van Frederik
van Eeden (Uit het Duitsch vertaald door (en met een voorwoord
van) Henri Borel) (1933)
- Le petit Johannes (Traduit du néerlandais par Robert
Pittomvils) (1946)
Overig non-fictie:
- Kunstmatige voeding bij tuberculose (proefschrift) (08-07-1886)
- Waarvan leven wij? (lezing) (1898)
- Studies (4 reeksen: 1899,1894,1897,1904 - gebundeld in 2
delen)
- Waarvoor werkt gij? Toespraak tot de werkenden (1903)
- De blijde wereld. Reden over mensch en maatschappij (1903)
- Over woordkunst (1903)
- Welt-Eroberung durch Heldenliebe (met Erich Gutkind) (1911)
- Happy humanity (1912)
- Langs den weg (1925)
- Redekunstige grondslag van verstandhouding (1975)
Frederik van Eeden schreef een voorwoord
voor:
- Adriaan van Oordt, Irmenlo (1896)
Bloemlezingen:
'Gebloemleesd'
Poëzie:
- 12 gedichten in 'Onze dichters', door Gust. van Elring (1909)
- 3 gedichten in 'Aangename uren II', door F.J. Heeris en W.
Toose (1915)
- 3 gedichten in 'Neerlandia. Litteratuur-overzicht Woordkunst
en Poëtica met Bloemlezing', door D. Wouters (1915)
- 4 gedichten in: 'P. van Renssen, Nieuwe Nederlandsche lyriek'
(1927)
- 1 gedicht: 'Hei-leeuwerik' in 'Dichterland', W.L.M.E. van
Leeuwen (z.j.)
- 1 fragment: 'Ik ben herkend!' in 'Menschen van de
straat' (1937)
- 1 gedicht: 'De waterlelie' in 'Het boek voor de jeugd', samengesteld
door Cor Bruijn, Arie Pleysier, Age Scheffer, Theo J. Thijssen
en Piet Schuhmacher (1937)
- 1 gedicht: 'Uitvaart van Domela Nieuwenhuis' in 'De wijde
kim. Een bundel proza en poëzie', verzameld door G. Horreus
de Haas, H. Ploeg jr. en G. Stuiveling (1937)
- 1 gedicht: 'Het vizioen in Spanje' in 'Lof van Nederland:
Zijnde een verzameling zoowel van ouds beproefde als kortelings
geschreven gedichten verzen en rijmen waarin de schoonheid des
vaderlands te water en te land wordt zichtbaar gemaakt ... ',
samengesteld door J.W.F. Werumeus Buning (ca. 1940)
- 4 gedichten in 'Religieuze poëzie. Een keuze uit de
Nederlandse religieuze lyriek van 1880 tot 1950', samengesteld
door Dirk Coster en Anton Deering (1949)
- 12 gedichten in 'Nederlandse nonsens op rijm' (z.j.)
- 1 gedicht: 'De waterlelie' in 'Barnsteen'. Een verzameling
gedichten voor jonge mensen', bijeengebracht door C. Prinsen
(1951)
- 1 gedicht: 'Afscheid. Aan Jacob Israël de Haan' in 'Kleine
literatuurgeschiedenis in verzen over Nederlandse schrijvers',
bijeengebracht door Theo Vesseur (1953)
- 1 gedicht: ''t Herteken' in 'De muze en de dieren', bijeengebracht
door M. Vasalis (1954)
- 1 gedicht: 'Toen ons kindje glimlachte' in 'Poëzie op
de planken' (1954)
- 6 gedichten in 'De spiegel van de Nederlandse poëzie
door alle eeuwen 1100-1900', samengesteld door Victor E. van
Vriesland (1955)
- 2 gedichten in 'Lachen is leven', bijeengelezen door Mr.
E. Elias en A. Duif (1958)
- 1 gedicht: 'De regen' in 'Muziek en poëzie', bijeengebracht
door Johan de Molenaar (1959)
- 1 gedicht: 'De waterlelie' in 'Ritme en rijm deel 2', (Schoolradio,
1960)
- 4 gedichten in 'Nederlandse schrijvers en schrijfsters II',
L. Leopold (17e druk, 1961)
- 1 gedicht: 'Nachtliedje III' in 'De dichter en de dood',
bijeengebracht door Chr. Leeflang (1961)
- 1 gedicht: 'Aan N. Beets' in 'Letterkundige bloemlezing II',
door W.A. Ornée en N.C.H. Wijngaards (z..j.)
- 2 gedichten in 'Moderne lyriek' bijeengebracht door C.J.
Kelk en Halbo C. Kool (z.j.)
- 1 gedicht: 'Bij 't verwachten der liefste' in 'Liefde. In
gedichten en kleurenfoto's', keuze van de gedichten W. van Drimmelen
(1968)
- 1 gedicht: 'Moederweelde' in 'Een moederhart, een gouden
hart. Dichters over hun moeder', verzameld door Gerrit Komrij
(1973)
- 1 liedtekst: 'Lied der arme klanten' in 'Gij zijt kanalje!
heeft men ons verweten. Het proletariërslied in Nederland
en Vlaanderen', Jaap van de Merwe (1974)
- 1 gedicht: 'Het liedje van de kleine Johannes' in 'Groot
verzenboek voor al wie jong van hart is', samengesteld door Karel
Jonckheere (1978)
- 6 gedichten in 'De Nederlandse poëzie van de 19de en
20ste eeuw in 1000 en enige gedichten, samengesteld door Gerrit
Komrij (1980)
- 5 gedichten in 'Is dit genoeg: een stuk of wat gedichten
(2 delen), samengesteld door C. Buddingh' en Eddy van Vliet (1982)
- 1 gedicht: 'Blauw flonkerglanzen mijn beijsde ruitjes'
in 'Het land der letteren', samengesteld door Adriaan van Dis
en Tilly Hermans (1982)
- 1 gedicht: 'De Waterlelie' in 'Het is een blijde dag. Romantische
dichters over geluk', realisatie Rob Lucas (1986)
- 1 gedicht: 'De Waterlelie' in 'Gelezen worden ze ontelbre
malen. De bekendste gedichten uit de Nederlandse literatuur',
samengesteld door Robert-Henk Zuidinga (1986)
- 1 gedicht: 'Het lied der arme klanten' in '68 dichters op
weg naar huis' (bulkboek 171), samengesteld door Patty Voorsmit
(1987)
- 1 gedicht: 'De Waterlelie' in 'Hier ligt Poot Hij is dood',
samengesteld door Robert-Henk Zuidinga (1990)
- 7 gedichten in: 'Het nachtegalenbosje. Poëzie uit Vlaanderen
en Nederland 1880-1916', samengesteld door Hubert van Herreweghen
en Willy Spillebeen (1990)
- 1 gedicht: 'Spelevaren' in 'De mooiste liefdesgedichten'
verzameld door Sipke van der Land (1991)
- Een parodie 'Aan Tollens' in 'Ik ben geboren in Apeldoorn.
Groot parodieënboek' (samenstelling Rody Chamuleau en J.A.
Dautzenberg) (1994)
- 2 gedichten in 'Domweg gelukkig in de Dapperstraat', samengesteld
door C.J. Aarts en M.C. van Etten (1994)
- 2 gedichten in 'Dichten over dichten. Bloemlezing uit de
Nederlandse poëzie van de 19de & 20ste eeuw, samengesteld
door Atte Jongstra en Arjan Peters (1994)
- 2 gedichten in 'De ballade van Arie Hop en andere lichte
verzen', samengesteld door Ludo Meyvis en Bob Stouthuysen (2000)
- 1 gedicht: 'De waterlelie' in 'Het liefste gedicht. De favoriete
liefdesgedichten van Nederland en Vlaanderen', met een inleiding
van Gerrit Komrij (2001)
- 6 gedichten in 'Komrij's Nederlandse poëzie van de 19de
t/m de 21ste eeuw in 2000 en enige gedichten', verzameld door
Gerrit Komrij (2004)
- 6 gedichten in 'Ik ween om bloemen in de knop gebroken. De
Tachtigers 100 mooie gedichten gekozen door Henny Vrienten' (2004)
Proza:
- 2 fragmenten in 'Oogst der tijden, Keur uit de werken van
schrijvers en dichter aller volken en eeuwen', red. Johan Winkler
(1940)
- 1 fragment uit: 'Studies' in 'Letterkundige bloemlezing II',
door W.A. Ornée en N.C.H. Wijngaards (z..j.)
- 6 citaten in 'Eenvoudige Wijsheid voor Jong en Oud', verzameld
en gerangschikt door W. Hoogenboom en A.S. Moerman (z.j.)
- 2 citaten in 'Andermans wijsheid', bijeengebracht door K.
ter Laan (1961)
- 2 'Studies' in 'Nederlandse schrijvers en schrijfsters II',
L. Leopold (17e druk, 1961)
- 'Het poortje' in: 'Spectrum van de Nederlandse Letterkunde
14, Toneeldicht jokt somtijds, Blijspelen na 1700', samenstelling,
inleiding en toelichting Dr. M.C.A. van der Heyden (1969)
- 'De heks van Haarlem' in : 'Spectrum van de Nederlandse Letterkunde
15, Mij dunkt ik zie het nog, Ernstig toneel na 1700', samenstelling,
inleiding en toelichting Dr. M.C.A. van der Heyden (1969)
- 1 citaat in 'mini zeer. aforismen en citaten van moderne
vlaamse en nederlandse auteurs', verzameld door Gerd de Ley (1969):
'Ik weet er, die in de naam van de vrijheid, verkozen tot
acht uur in bed te liggen, als de anderen om halfzes al aan het
werk gingen. Dat zij daarmee de vrijheid van anderen verkortten,
scheen niet in hen op te komen.'
- 1 verhaal: 'Waarvoor werkt gij?' in: 'Spectrum van de Nederlandse
Letterkunde 22, Werkmansboekje, Sociale bewogenheid in de literatuur
rond 1900', samenstelling, inleiding en toelichting Dr. M.C.A.
van der Heyden (1971)
- 1 citaat in 'Standaard modern Citatenboek' samengesteld door
Gerd de Ley (1973): 'Ik ken er, die in de naam van de vrijheid,
verkozen tot acht uur in bed te liggen, als de anderen om halfzes
al aan het werk gingen. Dat zij daarmee de vrijheid van anderen
verkortten, scheen niet in hen op te komen.'
- 14 fragmenten in 'En af en toe een salvo' (dagboekfragmenten),
samengesteld door Michel van der Plas (1978)
- 5 citaten in 'Groot Literair Citatenboek van Nederlandse
en Vlaamse auteurs uit de 19e en 20e eeuw', samengesteld door
Gerd de Ley (z.j.)
- 3 fragmenten in 'Het land der letteren', samengesteld door
Adriaan van Dis en Tilly Hermans (1982)
- 3 citaten in 'Kosmos groot citatenboek' (1986)
- 1 citaat in 'Prisma van de citaten' (1994): 'De wereld
heette koopmans vaderland.'
- 2 fragmenten in 'Literair landschap. Dichters en schrijvers
over Nederland', samengesteld door Peter van Zonneveld (1998)
- 1 fragment uit 'Van de koele meren des doods' + een foto
van haar graf in 'Alleen de dood is tussen u en mij. Literaire
dodenkalender van de twintigste eeuw', samengesteld door Dirk
Baartse e.a. (2000)
- 1 verhaal: 'Terschelling' in 'De Wadden. De mooiste verhalen
over de zee en de eilanden', samenstelling Hannemieke Stamperius
(2001)
- 1 gedicht: 'Medemblik' in 'Literaire stadsgezichten. Dichters
en schrijvers over Nederland', samengesteld door Gwynne en Peter
van Zonneveld (2002)
- 1 essay 'Ons dubbel-ik' in 'De Nederlandse en Vlaamse literatuur
vanaf 1880 in 200 essays', samengesteld door Joost Zwagerman
(2008)
Tijdschriften:
- Frederik van Eeden was als student redacteur en later rector
van de 'Almanak van het Amsterdamse Studentencorps'.
- Frederik van Eeden was één van de oprichters
van 'Flanor', waaruit later 'De Nieuwe Gids' ontstond. Hij publiceerde
ook in 'De Nieuwe Gids', bijvoordeeld delen van 'De kleine Johannes'
(daar opende het eerste deel mee).
- Frederik van Eeden leverde bijdragen aan 'Proceedings of
the Society for Psychical Research' (o.a. augustus 1900).
Over Frederik van Eeden:
- Een kroniek over Frederik van Eeden in 'Hollandsche Bellettrie
van den Dag' van C.M. Deventer (1901)
- Een hoofdstuk over Frederik van Eeden in 'Geschiedenis der
Noord-Nederlandsche Letteren in de XIXe Eeuw, deel 3' van Dr.
J. ten Brink (1904)
- L.J.M. Feber, 'F. van Eedens ontwikkelingsgang' (1922)
- H. Padberg, 'F. van Eeden' (1925)
- G. Kalff jr., 'Frederik van Eeden, psychologie van den Tachtiger'
(1927)
- Geert Groote Genootschap, 'Frederik van Eeden als katholiek'
(1930)
- Een bijdrage 'Frederik van Eeden. Herinneringen', met een
portretfoto en een overdruk van een handschrift in 'Geschenk
1933' door Henri Borel.
- H.W. van Tricht, 'F. van Eeden, denker en strijder' (proefschrift)
(1934)
- Mea Verwey, 'Frederik van Eeden' (1939)
- G.H. 's-Gravesande, 'Het conflict tusschen Willem Kloos en
Frederik van Eeden. De quaestie "Lieven Nijland"' (1947)
- Een hoofdstuk: 'De zaak Lieven Nijland' in 'Steekproeven'
van G. Stuiveling (1950)
- Wim J. Simons, 'Het paleis van Circe. Frederik van Eedens
Amerikaanse reizen' (1960)
- Annie Salomons besteedt in 'Herinneringen
uit den ouden tijd 2, over schrijvers die ik persoonlijk heb
gekend' aandacht aan Frederik van Eeden (1960)
- Een hoofdstuk over Frederik van Eeden in 'Nog meer herinneringen
uit de oude tijd' van Annie Salomons (1962)
- H.W. van Tricht, 'Over de Tagore-vertellingen van F. van
Eeden' (1963)
- H.C. Rümke, 'Over F. van Eedens 'Van de koele meren
des doods'' (1964)
- Een hoofdstuk over Frederik van Eeden in 'Beschouwingen over
Nederlandse auteurs van 5 generaties' van W.L.M.E. van Leeuwen
(1964)
- Albert Perdeck, 'Nakend op de fiets' (1967)
- 'De Engelbewaarder' gaf in 1976 een 'Van Eeden-nummer' uit.
- W.N.M. Hüsjen, 'De heks van Haarlem. Toneelanalyse in
theorie en praktijk' (in eigen beheer, 1978)
- J.S. de Ley en B. Luger, 'Walden in droom en daad' (1980)
- Themanummer Literama (november 1981)
- Een essay: 'Rümke over Van Eeden' in 'Intenties 2' van
H.A. Gomperts (1981)
- H.W. van Tricht (red.), 'Onzeekerheid is geen leeven. Beschouwingen
over Frederik van Eeden' (1983)
- Jan Fontijn, 'Tweespalt. Het leven van Frederik van Eeden
tot 1901' (proefschrift) (1990)
- Nop Maas, 'Een duivelsvent. Frederik van Eeden in caricatuur'
(1991)
- Jan Fontijn, 'Frederik van Eeden, een open boek' (Voordracht)
(1994)
- Jan Fontijn, 'Trots verbrijzeld - Het leven van Frederik
van Eeden vanaf 1901' (1996)
- Een hoofdstuk over Frederik van Eeden in Hans Heesen &
Harry Jansen, 'Pen in ruste. Schrijversgraven in Midden-Nederland'
(2001)
Diversen: (Zonder een schijn
van volledigheid)
- Willem Kloos droeg zijn gedicht 'Van de zee' (De Zee, de
Zee klots voort in eindeloze deining) op aan Frederik van Eeden.
- Nico van Suchtelen beschreef in 'Qua Absurdum' (1906) zijn
ervaringen in 'Walden'.
- 'De kleine Johannes' werd voor toneel bewerkt. In 1930 werd
het gespeeld door Ys. Visser, in 1978 door Ger Beukenkamp.
- 'Liber amicorum dr. Frederik van Eeden'. Aangeboden ter gelegendheid
van zijn zeventigsten verjaardag 3 april 1930 (bijdragen van
114 auteurs, waaronder Lodewijk van Deyssel, Frans Erens, Sigmund
Freud, A. Roland Holst, J. Slauerhoff en Felix Timmermans).
- In 1934 werd - ter nagedachtenis aan hem - het Frederik van
Eedengenootschap opgericht.
- 'De kleine Johannes' verscheen als Bulkboek 125.
- 'Van de koele meren des doods' verscheen als Bulkboek 149.
- 'Van de koele meren des doods' werd in 1976 door Ton Vorstenbosch
voor toneel bewerkt en gespeeld door 'Centrum'.
- In de Universiteitsbibliotheek aan het Singel in Amsterdam
is het Frederik van Eeden-Museum ondergebracht.
- Lennaert bewerkte 'De kleine Johannes' tot musical (1970)
- Vrij Nederland hield in 1978 een onderzoek naar de boekenlijsten
op middelbare scholen. p de lijst van meest genoemde boeken stond
'De kleine Johannes' op nummer 9.
- In november 1981 was er een tentoonstelling over Frederik
van Eeden in de bovenhal van de NCRV-studio. De radio-uitzendingen
van 'Literama' waren in deze maand ook aan Van Eeden gewijd.
- 'Van de koele meren des doods' werd in 1982 verfilmd door
Nouchka van Brakel.
- Johannes uit 'De Kleine Johannes' en Marga de Fontaine uit
'Van de koele meren des doods' werden door Inez van Eijk en Rudi
Wester beschreven in hun 'Honderd helden uit de Nederlandse literatuur'.
- 'Grassprietjes' werd in 1986 doorC.J. Aarts en N. van der
Meulen in hun boek 'Het literair eeuwboek. Honderd jaar het boek
van het jaar' uitgeroepen tot het beste boek van 1885.
- 'De kleine Johannes' werd in 1986 doorC.J. Aarts en N. van
der Meulen in hun boek 'Het literair eeuwboek. Honderd jaar het
boek van het jaar' uitgeroepen tot het beste boek van 1887.
- 'Van de koele meren des doods' werd in 1986 doorC.J. Aarts
en N. van der Meulen in hun boek 'Het literair eeuwboek. Honderd
jaar het boek van het jaar' uitgeroepen tot het beste boek van
1900.
- Peter te Nuyl nam het dromenboek van Frederik van Eeden,
gecombineerd met brieven van Van Eedens vrouw én het dagboek
van Slauerhoff als uitgangspunt voor zijn toneelstuk 'Het vergeten'
(1986)
- Een parodie op werk van Frederik van Eeden door F. Bordewijk
in 'Ik ben geboren in Apeldoorn. Groot parodieënboek' (samenstelling
Rody Chamuleau en J.A. Dautzenberg) (1994)
- In de 'top-100' van boeken die scholieren in 1997 op hun
lijst zetten staat 'De kleine Johannes' op nummer 29. Op 5% van
de lijsten komt het boek voor.
- Max Pam maakte voor HP/De Tijd (10-09-1999) een lijst met
de 100 beste boeken van de eeuw.
Hij nam hierin van Frederik van Eeden op nr. 81 'Van de koele
meren des doods' op. (Een melodrama dat ik toen vreselijk
mooi vond, maar waarvan het mij nu erg verstandig lijkt het niet
te herlezen).
- Leo Vroman noemt in 'Het beslissende boek' (2002) van Margot
Dijkgraaf en Martijn Meijer het verhaal 'De kleine Johannes'
van Frederik van Eeden als het voor hem beslissende boek.
- In Leiden is, in het kader van het project 'Muurgedichten'
het gedicht 'De waterlelie' van Frederik van Eeden te lezen op
de muur van Valkenhorst 30.
- Het Letterkundig museum publiceerde begin 2007 een top 100
van grootste dode schrijvers. Ook Frederik van Eeden was in dit
'Pantheon' opgenomen. Eind 2008 zal het museum met een permanente
expositie aandacht aan deze schrijvers besteden.

Opmerkingen:
- De vader van Frederik van Eeden (Guido van Eeden) was tuinbouwkundige
en later wetenschappelijk botanicus. Zijn vader had een grote
liefde voor de natuur.
- Frederik van Eeden volgde de lagere school, de HBS en de
Latijnsche School in Leiden.
- Al op de middelbare school (1874) begon hij te schrijven
in zijn dagboek. Hij zou dit zijn hele leven volhouden.
- Frederik van Eeden ging in 1878 medicijnen studeren in Amsterdam.
Hij werd lid van een literaire studentenclub (Flanor, zo genoemd
als eerbetoon aan Carel Vosmaers pseudoniem), die bijeenkwam
in café De Karseboom in Amsterdam. Tot deze kring behoorden
naast Van Eeden o.a. Kloos, Paap, Verwey en Van Looy.
- In 1885 kwam onder het pseudoniem Cornelis Paradijs zijn
dichtbundel Grassprietjes' uit, waarin hij zich afzette tegen
de predikantenpoëzie van die tijd (Beets, Tollens).
- Frederik van Eeden promoveerde in 1886 op het onderwerp 'Kunstmatige
voeding bij tuberculose'. Hij ging toen psychiatrie studeren
in Parijs en werkte enkele jaren in Bussum als huisarts.
- Frederik van Eeden trouwde in april 1886 met Martha van Vloten.
- 'De kleine Johannes' werd eerst in delen in 'De Nieuwe Gids'
gepubliceerd, voordat het in 1887 als boek uitgegeven wordt.
- In Amsterdam startte hij in 1887 met A.W. van Renterghem
een psychotherapeutische kliniek (tot 1894).
- Frederik van Eeden logeerde, met zijn vriendin Betsy van
Hoogstraten, in de zomer van 1891 op Mariëndaal, in een
zomerhuisje.
- Hij kreeg veel te maken met de sociale misstanden van die
tijd. Hij richtte in 1898 op het landgoed Cruysbergen bij Bussum
de idealistische (tuinbouw) kolonie 'Walden' op, die o.a. berustteop
gemeenschappelijk grondbezit. Dit werd een mislukking o.a. door
het weinig zakelijk beheer. Na eerst omgezet te zijn in een verbruikscoöperatie
ging Walden in 1907 failliet.
- Ook de door Van Eeden in Amsterdam opgerichte coöperatie
'De Eendracht' werd in 1907 opgeheven. De financiële moeilijkheden
met 'De Eendracht' waren mede debet aan het mislukken van Walden.
- Het idee van Walden kwam tot stand onder invloed van het
boek 'Walden or Life in the Woods' (1854) van Henry David Thoreau.
- In Nij Beets (Friesland) zette Van Eeden in 1903 de kolonie
'Frij Fryslân' op. Deze werd nooit succesvol en ging in
1910 ten gronde.
- In 1907/1908 reisde Van Eeden door Amerika om daar zijn ideeën
(m.b.t. Walden) te verkondigen.
- Frederik van Eeden publiceerde in 'De Nieuwe Gids'. Toch
was hij het niet eens met de opvattingen van 'de Tachtigers'
De 'Tachtigers' huldigden het idee van 'l'art pour l'art'. Van
Eeden was het juist meer om de inhoud dan om de vorm te doen.
Uiteindelijk leidde dit ook tot een breuk tussen hem en 'de Tachtigers'.
- Van Eeden vond dat mensen door het nastreven van socialistische
en religieuze idealen zich kunnen ontworstelen aan het noodlot.
In de sociaal-democratische ideeën miste hij de mystieke
elementen.
- Zijn werk wordt wel omschreven als religieus symbolisme.
- Op veel van zijn boeken liet Frederik van Eeden een vignet
drukken dat een lotusbloem in een cirkel voorstelt. Het is een
boeddhistisch symbool: de cirkel staat voor de eeuwigheid en
de lotusbloem staat voor het heelal.
- Zijn zoon Paul kwam jong te overlijden. dit greep hem zeer
aan.
- Frederik van Eeden eindigde als een gedesillussioneerd mens,
teleurgesteld als auteur én als hervormer.
- Frederik van Eeden bleef werken aan zijn 'Het lied van schijn
en wezen'. Volgens W.L.M.E. van Leeuwen werkte hij hier aan van
juni 1892 tot 10 maart 1922.
- Op 18 februari 1922 werd hij gedoopt in de Rooms-Katholieke
St. Paulusabdij in Oosterhout. Hij kreeg de doopnaam Paulus.
Hij wilde in de kerk en het geloof rust vinden. Ook zijn tweede
vrouw - Truida Everts - en hun twee zonen werden katholiek.
- Frederik van Eeden overleed in 1932, na een periode van geestelijke
achteruitgang (vanaf ca. 1925) aan een bronchitis. Deze geestelijke
achteruitgang had hij in zijn heldere momenten - als vakman -
zelf goed in de gaten.
- Frederik van Eeden werd op 20-06-1932 (onder massale belangstelling)
begraven op de Oude Rooms-Katholieke begraafplaats in Bussum.
Op zijn graf staat: 'Requiem Aeternam dona ei domine et lux perpetua
lucceat ei'. Het graf heeft geen grafnummer.
- 'Redekundige grondslag van verstandhouding' (1975) maakte
oorspronkelijk onderdeel uit van de 'Studies'.
- Nescio begint zijn verhaal 'De uitvreter' met de beroemd
geworden beginzin: 'Behalve den man, die de Sarphatistraat
de mooiste plek van Europa vond, heb ik nooit een wonderlijker
kerel gekend dan den uitvreter.' Het schijnt dat Frederik
van Eeden deze man was.

Anderen over Frederik van Eeden:
- Frederik van Eeden, Arzt und Dichter, der soviel von den
Geheimnissen des verborgenen Seelenlebens vorausgeahnt, meinen
freundschaftligen Grusz zum Tage, da er über die Schwelle
des Alters tritt. (Sigmund Freud, in Liber amoricum t.g.v. Van
Eedens 70e verjaardag, 1930)
- Men moet van Van Eeden zeggen, dat hij een zeer gecompliceerd
mens was. Hij was in hoge mate introvert; alles betrok hij op
zichzelf. Hij voelde zich vaak bedrogen, miskend, had een hoge
dunk van zichzelf. Vaak een te hoge dunk. (J. van Doorne, Trouw,
07-04-1973)
- Als wij van Van Eeden niets kenden dan dit ene boek, noch
zijn naam, noch zijn leven, noch zijn andere werken, dan zou
hij 'de meester van de koele meren' heeten, en een rang innemen
die niemand hem strijdig maakte. (Albert Verwey, geciteerd in
'Het literair eeuwboek. Honderd jaar het boek van het jaar')
- Omdat iedereen de twee vervolgen op De kleine Johannes
zoveel lager aanslaat dan het eerste deel had ik me, dwars als
altijd, voorgenomen er een andere mening op na te houden. Maar
ik moet me helaas aansluiten bij de algemene opinie: het werk
zakt aldoor af, het ontaardt zelfs in gebazel en drakerigheid.
(Hans Warren, Geheim dagboek 1952-1953, blz. 142, 08-02-1953)
- Hij verklaarde zich vóór vele dingen, terwijl
hij er zelden achter was, en, kwam hij erachter dan was hij er
niet meer voor. (Israël Querido, in: Jeroen Brouwers, Zachtjes
knetteren de letteren, blz. 19)
- Aan kritiek heeft het Van Eeden nooit ontbroken: Walden,
zijn geloof in geesten en zijn bekering tot het katholicisme
maakten hem een dankbaar onderwerp van spot. (Hans Heesen &
Harry Jansen, Pen in ruste. Schrijversgraven in Midden-Nederland,
blz. 62)
- Dagboeken hebben voor lezers daarentegen het voordeel dat
je niet hoeft te onthouden wat erin staat. Al jaren ligt het
dikke dagboek van Frederik van Eeden naast mijn bed. Als ik 's
nachts wakker word en de slaap niet meer kan vatten, lees ik
er een stukje in. Ik kan het opslaan waar ik wil, ik hoef de
draad niet vast te houden, want er is geen draad, zoals in alle
echte dagboeken. (W.F. Hermans, Malle Hugo, blz. 25)

Mijn favoriete citaat:
Wat ik ben, in de oogen van mijn
vijanden
is absoluut verschillend van wat ik ben in de oogen van die mij
liefhebben,
en dat verschilt weer van wat ik ben in eigen oogen.
(Frederik van Eeden, Dagboek 1878-1932,
4 januari 1907)
Naar een overzicht van citaten
van Frederik van Eeden

Uit mijn weblog 14 mei 2008:
 |
Jelle wees me in de Stoopstraat in Antwerpen op deze spreuk
op een gevel boven een garage. Mooi en zeker opvallend. Ik vroeg
me wel onmiddellijk af of hij wel echt van Frederik van Eeden
is. Ik heb op mijn citatensite het volgende staan:
Misschien is niets geheel waar, en zelfs dát
niet.
(Multatuli, Ideeën, eerste bundel, idee 1, blz. 9)
Is het toeschrijven aan Frederik van Eeden een vergissing?
Heeft Van Eeden het ook ergens gezegd? Of nog mooier: is het
expres gedaan. Het is dan immers NIET WAAR dat de spreuk van
Frederik van Eeden is. Niets is immers waar, en ook dit niet.
Ik geef de voorkeur aan de laatste optie en vind hem dan geweldig
bedacht. |

Links:
Terug naar de eerste pagina /homepage
Citaten zoeken op trefwoord
Overzicht van trefwoorden
Citaten zoeken op auteur
Overzicht van auteurs
Overzicht van bibliografieën
Andere interessante internet-bladzijden
Vanaf 20-03-2001
Bronnen o.a.:
- P. van Renssen, Nieuwe Nederlandsche lyriek (1927)
- Lexicon van de moderne Nederlandse literatuur (1978)
- Querido's letterkundige reisgids van Nederland (1983)
- Spectrum Nederlandstalige auteurs (1985)
- Hun laatste rustplaats (1985)
- Winkler Prins lexicon van de Nederlandse letterkunde (1986)
- Uittreksel top-100
- Prisma van de pseudoniemen (1992)
- Oosthoek Lexicon Nederlandse & Vlaamse literatuur (1996)
- Hans Heesen e.a., Waar ligt Poot? (1997)
- Schrijvers. 2000 auteurs van de 20e eeuw van A tot Z (2002)
- Hans Heesen e.a., Behoudens deze steen. Een gids langs schrijversgraven
in Nederland en Vlaanderen (2004)
©2009 Mats
Beek, Veenendaal