Ton van Oudwijk
Profiel
Achternaam: van Oudwijk
Voornaam: Ton
Geboren: 1911
Overleden: 1990
Pseudoniem(en): Ton van Oudwijk was het pseudoniem van Anna Koppelman.
| Voor tweedehands boeken | Ook van Ton van Oudwijk |
| Raban Internet Antiquariaat | Klik hier ! |
Werk
Proza
- Mijn dochter doet het goed, misschien (verhalen) (1957)
- De man Lucas (1958)
- Ludovicus Ludovicus (Twee maal Ludovicus) (1959)
- Mijn oom Victor (1967)
- Memoires van een doodgraver: en andere verhalen (1969)
- Die wordt honderd (1970)
Tijdschriften
- Ton van Oudwijk publiceerde in 'Libertinage'.
Opmerkingen
- Over Ton van Oudwijk heb ik - behalve bij de Koninklijke Bibliotheek - ook op internet niets weten te vinden. Daarom voeg ik deze - ook heel summiere - bladzijde wél aan Schrijversinfo toe.
Anderen over Ton van Oudwijk
- Het proza van Ton van Oudwijk geeft vaak op zeldzaam navrante wijze de atmosfeer van de verhalen weer. Het is droog, kort, afgebeten geschreven, met veel stilten tussen de woorden. De zinnen lopen vaak aarzelend; de vraagtekens zijn talrijk; de dialoog is geschreven in een taal die men wellicht het best een "dode taal" kan noemen. De wereld van "Mijn dochter doet het goed, misschien..."is een verschrikkelijke wereld, maar een die medelijden opwekt, een medelijden waarvan de schrijfster zelf ook vol is. ik vind Ton van Oudwijks boek een heel knap debuut. (Kees Fens, De Tijd, 11-01-1958)
Mijn favoriete citaat
Ik heb vandaag mijn grijze pak aangetrokken. Louise zegt dat het zonde is voor in huis, maar Louise is er vandaag immers toch niet. Het is natuurlijk wel stom dat ik het gedaan heb, want ik moet nog van alles doen in huis. Gelukkig heeft ze, voor ze ging, nog eerst mijn Moeder aangekleed en bij de kachel geïnstalleerd. Als ik zo naar mijn Moeder kijk, en bedenk hoe coquet zij vroeger was en hoe levenslustig, dan hoeft zij niet te vragen, zoals zo vaak - Iemand zit daar zo strak naar me te kijken - wie is dat toch? - Want dan kijk ik al vanzelf heel gauw een andere kant op omdat ik niet anders kan. Het gaat nog als ik mij niet hoef te realiseren dat het mijn Moeder is die zo werd en zo heel anders was, vroeger. Ik heb de radio voor haar aangezet, ofschoon wij nooit weten of zij er eigenlijk naar luistert. Ik geloof eigenlijk zeker van niet, maar als hij afstaat vraagt ze erom. Zij mist dan toch iets dus. Ik moest eigenlijk werken, boven op mijn kamer. (Ton van Oudwijk, De vlucht, in 'Libertinage', november/december 1948)
Links
Bronnen o.a.
- Website Koninklijke Bibliotheek (oktober 2009)
