J. Presser
Profiel
Achternaam: Presser
Roepnaam :Jacques (of Jacob)
Geboren: 24-02-1899
Te: Amsterdam
Overleden: 30-04-1970
Te: Amsterdam
Pseudoniem(en): De dichtbundels die tijdens de Tweede Wereldoorlog verschenen, schreef J. Presser onder het pseudoniem J. van Wageningen. Enkele detectiveromans (o.a. Moord in Meppel) schreef hij onder het pseudoniem Haggi Mami Reis. Verder gebruikte J. Presser de pseudoniemen I. van Dam, J. van Dam, J. Drukker, Herodotus en Janus en dr. B.W. Schaper.
| Voor tweedehands boeken | Ook van J. Presser |
| Raban Internet Antiquariaat | Klik hier ! |
Werk
Poëzie
- Exodus (anoniem -1942)
- Orpheus (anoniem - 1943)
- Orpheus en Ahasverus (onder het pseudoniem J. van Wageningen -1945)
- Drievoudig afscheid (1952)
- Orpheus
Proza
- Amerika (1949)
- Moord in Meppel (1953 - herdruk onder eigen naam in 1966)
- Crime passionel. Een tussenspel van onredelijkheid (in eigen beheer) (1955)
- De nacht der Girondijnen (boekenweekgeschenk 1957)
- Schrijfsels en schrifturen (1961)
- Moord in Moordrecht (1962)
- Moord in de Poort (1965)
- Autobiografische schets 1899-1919 (bibliofiel, 300 ex.) (1974)
- Louter verwachting. Autobiografische schets 1899-1919 (1985)
- Homo submersus; Een roman uit de onderduik (2010)
Brieven
- Brieven van en aan M. Flothuis over Mozart in 'Tirade' (juli/augustus 1985)
- 1 brief van Jacques Presser aan Marius Flothuis (15-02-1960) in 'Briefgeheim', samengesteld door René van Stipriaan (1993)
Historische studies
- Das Buch 'De Tribus Impostoribus' (proefschrift - 1926)
- Beknopt leerboek der algemene geschiedenis (met M.G. de Boer) (1931)
- De Tachtigjarige oorlog (1941 - onder eigen naam 1948)
- Napoleon. Historie en legende (1946)
- Amerika. Van kolonie tot wereldmacht (1949)
- Historia Hodierna (Inaugorele rede - 1950)
- Gewiekte wielen: Richard Arkwright (1951)
- Europa in een boek (boekenweekgeschenk 1963)
- Ondergang. De vervolging en verdelging van het Nederlandse Jodendom 1940-1945 (twee delen - 1965)
- Uit het werk van dr. J. Presser (1969)
- Joden en dagboeken (in Tijdschrift voor geschiedenis) (1970)
J. Presser schreef een inleiding/voorwoord voor
- Philip Mechanicus, 'In dépôt' (1964)
- F. Weinreb, Collaboratie en verzet 1940-1945. Een poging tot ontmythologisering (1969)
Vertaald
- 'De nacht der Girondijnen' werd vertaald in het Engels (Breaking
point - 1958), het Frans, het Duits en het Amerikaans. In het Noors heet het 'Girondinernes natt', vertaald door Kåre Langvik-Johannesen) (1998)
- De Italiaanse schrijver Primo Levi schreef in 1976 een nawoord bij 'De nacht der Girondijnen'. Hierdoor werd het boek opnieuw in het middelpunt van de belangstelling geplaatst.
Bloemlezingen
Tijdschriften
- In 1943 werden gedichten van Presser illegaal gepubliceerd in 'Het Parool'.
- Presser publiceerde in 'Tirade'.
Diversen: (Zonder een schijn van volledigheid)
- In de bundel 'Antisemitisme en Jodendom' (1939) staat een bijdrage van J. Presser.
- J. Presser schreef een 'ten geleide' bij het dagboek uit Westerbork van Philip Mechanicus 'In dépôt' (1964)
- Philo Bregstein maakte de film 'Dingen die niet voorbijgaan', een portret van Jacques Presser (1970).
- 'Gesprekken met Jacques Presser' (1972) door Philo Bregstein.
- 1 hoofdstuk: 'Jacques Presser' in 'Lenin heeft echt bestaan' (1972) van Karel van het Reve.
- Nanda van der Zee, 'Jacques Presser, het gelijk van de twijfel. Een biografie' (1988).
- 'De nacht der Girondijnen' verscheen in 1995 in de 'Grote Lijster'-serie van Wolters Noordhoff.
- Een bijdrage over J. Presser in 'Kritisch Lexicon van de Nederlandstalige Literatuur na 1945' door G.F.H. Raat (mei 1996)
- In de 'top-100' van boeken die scholieren in 1997 op hun lijst zetten staat 'De nacht der Girondijnen' op nummer 62. Op 3% van de lijsten komt het boek voor.
- Philo Bregstein, 'Gesprekken met Jacques Presser' (heruitgave in 1999)
- 1 portret van Jacques Presser in '222 schrijvers. Literaire portretten' van Eddy en Tessa Posthuma de Boer (2005), met het citaat 'Als ik zo arrogant mag zijn te beweren, dat ik iets heb kunnen scheppen, dan komt dat voort uit mijn gespletenheid.'
- 1 tekst: 'Frijderijk de Vrome' over het verdedigen van Weinreb door Presser door Willem Frederik Hermans in 'Het scherp van de snede. De Nederlandse literatuur in 100 en enige polemieken', samengesteld door Pierre Vinken & Hans van den Bergh (2010)
Literaire prijzen
- Dr. Wijnaendts Francken-prijs 1947 voor 'Napoleon'.
- Novelleprijsvraag CPNB 1957 'De nacht der Girondijnen'.
- Van der Hoogtprijs 1957 voor 'De nacht der Girondijnen'.
- N.a.v. 'Ondergang. De vervolging en verdelging van het Nederlandse Jodendom 1940-1945' kreeg Presser een ridderorde en het lidmaatschap van de Koninklijke Akademie van Wetenschappen.
- Bijzondere prijs van de Jan Campert-stichting 1966 voor 'Ondergang'.
- Prijs van de World Federation of Bergen-Belsen Associations 1969, 'The Remembrance Award'.
Opmerkingen
- J. Presser werd geboren aan het Waterlooplein in Amsterdam. Zijn vader was diamantbewerker. Hij had drie jongere zussen.
- In 1903 verhuisde de familie Presser naar Antwerpen, omdat de toekomst daar voor diamantbewerkers beter leek dan in Amsterdam.
- In Antwerpen ging het zo goed, dat zijn vader in 1907 weer terugkwam naar Amsterdam en daar samen met een compagnon een eigen zaak begon.
- J. Presser ging in Amsterdam drie jaar naar de HBS. Dit lukte niet, daarom vervolgde hij zijn opleiding aan de Openbare Handelsschool. Hier haalde hij in 1917 zijn diploma.
- Hij ging werken bij een bank en bij een effectenkantoor, maar wilde toch liever studeren. De rijke vader van een vriend hielp hem financieel. Hij deed staatsexamen gymnasium en ging in 1920 aan de universiteit Nederlands, geschiedenis en kunstgeschiedenis studeren. Hij slaagde cum laude en promoveerde cum laude.
- In 1926 ging hij als leraar werken aan het Vossiusgymnasium. Eerst gaf hij Nederlands, later geschiedenis (1926 - 1940 en 1945 - 1947).
- J. Presser ontmoette de historicus Jan Romein. Romein was een voorbeeld voor Presser, maar behalve dat werden ze ook vrienden. Jan Romein bezorgde hem een (bij)baan als geschiedenisleraar aan een MO-opleiding. Ook gaf hij (tot 1939) les aan de Volksuniversiteit.
- In 1936 overleed zijn vader, die bij de beurskrach in 1929 al zijn geld was kwijt geraakt en door J. Presser de laatste jaren financieel was onderhouden.
- J. Presser trouwde in 1936 met Dé Appel (die 14 jaar jonger was dan hij en op het Vossiusgymnasium zijn leerlinge was geweest)
- In mei 1940 probeerden Presser en zijn vrouw naar Engeland te vluchten, dit mislukte. Ook probeerden ze tevergeefs samen zelfmoord te plegen
- Samen met 5 andere Joodse collega's werd Presser op 28 november 1940 ontslagen op het Vossiusgymnasium. Hij kreeg enkele opdrachten om boeken te schrijven en kon zo in zijn onderhoud voorzin. In oktober 1941 kreeg hij een baan aan het nieuw-opgerichte Joods Lyceum.
- In maart 1943 werd zijn vrouw door de Duitsers opgepakt toen ze in de trein (met een vals persoonsbewijs) op weg was naar haar ondergedoken ouders. In mei 1943 dook Presser zelf onder in het buurtschap Overwoud bij Lunteren, later o.a. in Wageningen en Barneveld (de laatste acht maanden). Tijdens zijn onderduiktijd schreef hij gedichten voor zijn vrouw, onder het pseudoniem J. van Wageningen - naar de plaats waar zij ondergedoken was geweest.
- Op 17 april 1945 maakte Presser op zijn onderduikadres in Barneveld de bevrijding mee. Ook zijn moeder en twee van zijn zussen overleefden de oorlog. Zijn andere zus en haar gezin en zijn vrouw werden in de oorlog vergast. Drie jaar na de oorlog hoorde Presser dit definitief van het Rode Kruis.
- Na de oorlog ging hij weer werken aan het Vossiusgymnasium
- Hij ging wonen bij een jeugdvriendin - de weduwe Bep Bijlsma-Hartog - met wie hij negen jaar later trouwde.
- In 1946 werd hij lector aan de faculteit Letteren.
- In 1947 zou hij hoogleraar worden aan de Politieke Sociale Faculteit in Amsterdam. Dit ging niet door omdat de regering hem te links vond (het is waar dat hij de geschiedkunde bedreef vanuit een links-socialistische invalshoek). In 1949 werd hij alsnog hoogleraar, met als leeropdracht de nieuwste geschiedenis. In 1959 volgde hij Jan Romein op als hoogleraar in de algemene en vaderlandse geschiedenis aan de Faculteit der Letteren in Amsterdam. Hij bleef hoogleraar tot 1969.
- De bijzondere aandacht van J. Presser ging binnen de geschiedenis uit naar 'ego-documenten' als dagboeken e.d.
- Hij schreef o.a. satirische detectiveromans, geschiedkundige studies en poëzie.
- Het boekenweekgeschenk 1957 'Nacht der Girondijnen' was de winnaar van een novelle-prijsvraag van het CPNB. Het geschenk verscheen in een oplage van 150.000 stuks. Het werd uitgegeven zonder de naam van de schrijver. Middels een prijsvraag konden de lezers raden wie de schrijver was. Het geschenk werd zeer positief ontvangen en vele malen herdrukt.
- 'Europa in een boek', het boekenweekgeschenk 1963, verscheen in een oplage van 225.000 exemplaren.
- De poort in 'Moord in de poort' (1965) is de Oudemanhuispoort, naast het Binnengasthuis in Amsterdam.
- 'Ondergang. De vervolging en verdelging van het Nederlands Jodendom 1940-1945' werd geschreven in opdracht van de Nederlandse regering. Hij dacht dit in een paar jaar te schrijven. Uiteindelijk zou hij er 15 jaar over doen. 'Nacht der Girondijnen' wordt wel gezien als een schrijfoefenig voor dit grote werk. Boekenweekgeschenken werden toen niet op verzoek geschreven, maar door schrijvers opgestuurd, waarna een jury er één uitkoos. De jury stond dat jaar onder leiding van Anton Coolen. Vervolgens was er een wedstrijd voor de lezers, die konden raden wie de schrijver was.
- Jacques Presser overleed op 30-04-1970 in het Wilhelmina Gasthuis in Amsterdam. Hij was hier aan zijn maag geopereerd, waarbij complicaties optraden.
- Hij werd op 04-05-1970 gecremeerd in Crematorium Velsen in Driehuis. Zijn as werd boven de Noordzee verstrooid.
- Hij had ooit voor zichzelf een grafschrift geschreven:
Hier liegt Presser:
so ist's besser.
Anderen over J. Presser
- Op het eindexamen bracht ik het er slecht af. Ik legde verband tussen de Boston tea party en de Amerikaanse burgeroorlog. In zijn onmetelijke mildheid honoreerde Presser dat met een zes min. Toen hem bleek dat mijn papieren slecht stonden en ik wel enige 'compensatie' kon gebruiken vroeg hij mij bij vaderlandse geschiedenis niet over vaderlandse geschiedenis, maar over staatsinrichting, waar ik ook niets van wist. Maar hij wist dat ik de familie Last kende, en dus ging het over het verliezen van het Nederlands staatsburgerschap door het in vreemde krijgsdienst treden van Jef, en wat Ied Last moest doen om voor haar en haar kinderen dat staatsburgerschap terug te krijgen. Dat wist ik zeer nauwkeurig, de gecommitteerde was diep onder de indruk, en ik kreeg een negen. (Karel van het Reve, Parool, 03-06-1969)
- In Pressers geschiedschrijving komt zijn literaire inslag duidelijk naar voren; dat maakt dat hij meer geïnteresseerd is in individuele mensen dan in systemen. Zijn scepticisme en zijn neiging tot ontmaskering in de geschiedenis zijn ook terug te vinden in zijn werk voor de vrijdenkersbeweging. Bekend was ook zijn humor, die hem drie detectives deed schrijven, een ongepubliceerde roman en tal van scabreuze verzen, eveneens ongepubliceerd. (Jan Bank, Volkskrant, 01-05-1970)
- Al zijn merkwaardigheden, en dat zijn er nogal wat, lijken voort te komen uit zijn milieu. Zijn bangigheid, zijn onhandigheid, zijn eenzelvigheid (hij was nergens lid van en bezocht nooit vergaderingen), zijn eerbied voor rangen en standen (tot zijn dood toe was hij enigszins onder de indruk van zijn eigen professoraat) lijken allemaal samen te hangen met zijn geboorte op het Waterlooplein als kind van een joodse diamantbewerkersfamilie waarin niemand meer dan lagere school genoten had. (Karel van het Reve, VN, 03-08-1985)
- Presser was puur een virtuoos van de literatuur, een jongleur rond de omgevallen boekenkast. Zijn nog altijd als treinen lezende boeken over Napoleon en Amerika zijn in feite uiterst geraffineerde, door schitterende persoonlijke nuances gekruide neerslagen van lectuur. Presser las graag een dik boek over een speciaal onderwerp om daar triomfantelijk met één detail uit te voorschijn te komen dat hij als boutade, debunkende anekdote of precies op de juiste plaats ergens in een eigen boek kon doseren. (Martin Ros, Hervormd Nederland, 26-11-1988)
Mijn favoriete citaat
Het is toch wel zaak, dat ik vóór alles een plank voor me neerzet
met de woorden erop: Ik ben niet gek.
Daar kan ik bepaald niet buiten.
Ik meen oprecht bij mijn verstand te zijn
en het enige, wat me nog zou kunnen verontrusten,
is de behoefte, dit aldoor weer uit te spreken.
(De nacht der Girondijnen, blz. 9)
Links
- Raban Internet Antiquariaat - voor tweedehands boeken van J. Presser
- Uittreksel - De nacht der Girondijnen
- Boekverslag - De nacht der Girondijnen
- Crime.nl - Jacques Presser
Bronnen o.a.
- Lexicon van de moderne Nederlandse literatuur (1978)
- Querido's letterkundige reisgids van Nederland (1982)
- Spectrum Nederlandstalige auteurs (1985)
- De vijftig boekenweekgeschenken (1985)
- Winkler Prins lexicon van de Nederlandse letterkunde (1986)
- Prisma uittrekselboek Nederlandse literatuur1945-1980 (1987)
- Prisma van de pseudoniemen (1992)
- De nacht der Girondijnen, De grote lijsters (1996)
- Uittreksel top-100
- Encarta '98 (1997)
- Hans Heesen e.a., Waar ligt Poot (1997)
- Moorden met woorden. Honderd jaar Nederlandstalige misdaadliteratuur (2000)
- Schrijvers. 2000 auteurs van de 20e eeuw van A tot Z (2002)
