Jan Prins
Profiel
Achternaam: Prins
Roepnaam: Jan
Geboren: 05-02-1876
Te: Rotterdam
Overleden: 09-02-1948Te Rotterdam ben ik geboren
Onder den adem van de Maas
En liep ik, met mijne eigen stilte,
Temidden van het straatgeraas.
(Jan Prins, Rotterdam (fragm.), De stad waar men is kind geweest blz. 9)
Te: Naarden
Pseudoniem(en): Jan Prins was het pseudoniem van Christiaan Louis Schepp. Hij publiceerde gedichten in 'De Beweging' onder het pseudoniem J.P. Born.Ik herbeleef, wat samen wij beminden,
Van dien zoo verren eersten ochtend af.
Zoude ik dan straks ook u niet wedervinden,
De smalle hindernis voorbij van 't graf?
(Jan Prins, Zeventig (fragm.), Bijeengebrachte gedichten, deel 2, blz. 221)
| Voor tweedehands boeken | Ook van Jan Prins |
| Raban Internet Antiquariaat | Klik hier ! |
Werk
Poëzie

- Tochten (1911)
- Getijden (1917)
- De bruid (muziek van H.J. den Hertog) (1917)
- Verschijningen (1924)
- Drie liederen (muziek van W. de Haan) (1929)
- Meidag in maart (muziek van H.J. den Hertog) (1931)
- Indische gedichten (1932)
- Timaiosonnetten (1936)
- Bij den herbloei van Oranje (rijmprent, tekeningen van Nelly Bodenheim) (1938)
- Later werk (1941)
- Rotterdam (rijmprent, tekeningen van Hans Timmer) (1941)
- De winter en de lente (rijmprent, tekeningen van Pam G. Rueter) (1942)
- Erasmus (rijmprent, tekeningen van Hans Timmer) (1942)
- Binnenkomst (1945)
- Binnenkomst (rijmprent, tekeningen van Jan Boom) (1945)
- Drie bevrijdingsgedichten (1945)
- Voor de Rotterdamsche jeugd bij de oprichting van het district der N.J.G. (Rijmprent, tekeningen van Dick de Wilde) (1945)
- De stad waar men is kind geweest (inleiding door Alfred Kossmann) (1946)
- Zeventig. - En de wereld gaat, bij tijden (vouwblad) (1946)
- Bijeengebrachte gedichten (2 delen) (1947)
- Dankbaar om ieder ding... (bezorgd door H. Roest) (1975)
Vertalingen/bewerkingen
- Plato, Timaios (1936)
- E. Dinet en El Hadj Sliman Bin Ibrahim, Het leven van Mohammed, Allah's Profeet (1939)
- Veertig fabels van Jean de la Fontaine (1940)
- 1 vertaling: La Fontaine 'Fabels' in 'Oogst der tijden, Keur uit de werken van schrijvers en dichter aller volken en eeuwen', red. Johan Winkler (1940)
- Honderd en één der fraaiste fabels (100 van Jan Prins, 1 van Martinus Nijhoff) (1941)
- A. de Musset, Een deur moet open zijn of dicht (1941)
- J.B. Molière, De menschenhater (1941)
- Jean Racine, Andromache (1941)
- Paul Claudel, Inleiding tot de Hollandsche schilderkunst (1945)
- John Keats, Loflied op een Grieksche Vaas (1945)
- Pervigilium Veneris (150 ex.) (1945)
- De fraaiste fabels van Jean de la Fontaine (1946)
- Jean Racine, Britannicus (1946)
- 1 vertaling: 'De bestolen vrek' in 'impressie en expressie 3', samengesteld door J. van der Schaar en H. Vogelesang (1973)
Bloemlezingen
Tijdschriften
- Jan Prins publiceerde 'Poëzie' in 'Tweemaandelijksch Tijdschrift'.
- Jan Prins publiceerde in 'Proloog', 'Helikon' en 'Elseviers Weekblad'.
- Jan Prins publiceerde gedichten in 'De Beweging' onder het pseudoniem J.P. Born.
Diversen: (Zonder een schijn van volledigheid)
- In Rotterdam is een school naar Jan Prins vernoemd: Openbare Montessori basisschool Jan Prins. Grotemarkt 4, 3011 PA Rotterdam.
- Een hoofdstuk over Jan Prins in 'Muiterij tegen het etmaal, deel 2: poëzie en essay' van Simon Vestdijk (1947)
- Een beschouwing over de gedichten'De Bruid', 'Bede' en 'Holland' in 'Dichterland. Inleiding tot het genieten van poëzie' van W.M.L.E. van Leeuwen (9e druk, 1956)
- Een hoofdstuk over Jan Prins in 'Nog meer herinneringen uit de oude tijd' van Annie Salomons (1962)
- Een hoofdstuk over Jan Prins in de 'Oost-Indische Spiegel' van Rob Nieuwenhuys (1972)
- Een hoofdstuk over Jan Prins in 'Dichters die nog maar namen lijken' van A.L. Sötemann (2003)
![]() |
| Handtekening Jan Prins |
Opmerkingen
- Jan Prins werd in Rotterdam geboren, aan de Boezemsingel. Op deze plek staat nu de Nieuwe Oosterkerk.
- Jan Prins was vanaf 1892 bij de marine. Vanaf 1896 was hij officier.
- in 1924 werd hij gepensioneerd als kapitein-luitenant ter zee, in 1929 kapitein ter zee titulair.
- In zijn poëzie gaf Jan Prins blijk van zijn liefde voor het (Nederlandse, later ook Indische) landschap.
- Jan Prins woonde in Rotterdam aan de Diergaardelaan.
- Hij kreeg bekendheid door de gedichten die hij schreef over de verwoesting van Rotterdam in 1940.
- Van 1945 tot 1947 woonde Jan Prins - geëvacueerd - aan de Brediusweg (25, later op 71) in Bussum, vandaar verhuisde hij naar Naarden (Jan Toebacklaan 15).
- Jan Prins overleed in het ziekenhuis in Naarden.
Anderen over Jan Prins
- Ik heb meegemaakt, dat hij zich aan Johan de Meester voorstelde. 'Schepp.' 'Aangenaam,' zei De Meester verstrooid en gaf een slap handje. 'Zoudt u me wat vriendelijker willen begroeten?' vroeg Schepp op de man af. 'U hebt herhaaldelijk geschreven, dat u van m'n werk houdt. Ik ben Jan Prins.' De Meester reageerde, zoals zijn gewoonte was, met een stevige vloek, maar hij stak hem tegelijk beide handen toe en de vonk van vreugdevol herkennen schoot in zijn ogen. (Annie Salomons in: Jeroen Brouwers, Zachtjes knetteren de letteren, blz. 128)
- Zijn poëzie kenmerkt zich door eenvoud en plasticiteit, door ongecompiceerde levensaanvaarding en liefdevolle waarneming. (Oosthoek Lexicon Nederlandse & Vlaamse literatuur, blz. 269)
Mijn favoriete citaat
Hier in dit stadje, waar ik dikwijls aan u dacht,
Worden de straten leeg en langzaam, nu de nacht
Er binnenkomt, gaat deur na deurtje omzichtig dicht.
En ik verbeeld mij, hoe nu 't milde, warme licht
Der kamerlamp de ronding raakt van uw gezicht, -
Daarbinnen, ergens, waar gij zit en op mij wacht.
(Jan Prins, Het stadje (fragm.), Bijeengebrachte gedichten 1, blz. 90)
Links
- Raban Internet Antiquariaat - voor tweedehands boeken van Jan Prins
- DBNL - Jan Prins
- Website Jan Prinsschool
- G.H. 's-Gravesande - Al pratende met ... Jan Prins (uit Den Gulden Winckel)
Bronnen o.a.
- P. van Renssen, Nieuwe Nederlandsche lyriek (1927)
- Kent uw dichters. gedichten van 100 dichters (1932)
- Querido's letterkundige reisgids van Nederland (1982)
- Spectrum Nederlandstalige auteurs (1985)
- Nederlandse literaire prijzen 1880-1985 (1986)
- Winkler Prins lexicon van de Nederlandse letterkunde (1986)
- Prisma van de pseudoniemen (1992)
- Oosthoek Lexicon Nederlandse & Vlaamse literatuur (1996)

