
Achternaam: Prins
Voornaam: Sonja
Geboren: 14-08-1912
Te: Haarlem
Geboren: 15-01-2009
Te: Breda

Pseudoniem(en): Sonja Prins debuteerde
onder het pseudoniem Wanda Koopman.
Ze gebruikte ook de pseudoniemen Willie Albrecht, Daams en Sofie
Lenormand.

|
Voor tweedehands boeken |
Ook van Sonja Prins |
|
Raban Internet Antiquariaat |
Klik
hier ! |

Werk:
Poëzie:
- Proeve in strategie (1933)
- Brood en rozen (in eigen beheer) (1953)
- Het geschonden aangezicht (in eigen beheer) (1955)
- Nieuwe proeve in strategie (1957)
- Vrijheid om te zijn (1965)
- Het erf van Odussuis (in eigen beheer) (1973)
- Notities (1973)
- Dagboekgedigten (1974)
- Gedichten 1930-1958 (1975)
- Vrijheid om te zijn - gedichten 1958-1969 (1976)
- Rondom de boshut 1: Vier seizoenen: dieren- en milieugedichten
(1979)
- Rondom de boshut 2: Een nieuwe jaargang: natuurgedichten
(1981)
- Tijdgedichten (1930-1958) (1982)
- Ook wij waren vluchtelingen; politieke gedichten 1979-1982
(1983)
- Ravensbrück: geen eind maar een beginpunt (1985)
- Het huis waar ik in woon (1990)
- Op een kale winderige vlakte: Gedichten uit Ravensbrück
en erna (verzamelbundel) (1999)
- Ademhuis: gedichten van zoon en moeder (2005)
- Het boek van de cineast (keuze uit eigen werk) (2006)
Proza:
- De groene jas (1949)
- Aan de verzetsvrouwen die stierven in Ravensbrück (1979)
- Dwangarbeid en verzet in Mecklenburg 1944 (heruitgave van
'De groene jas') (1982)
- Dwangarbeid en verzet in Mecklenburg 43-44 (heruitgave van
'Dwangarbeid en verzet in Mecklenburg 1944') (1985)
Brieven:
- Brieven aan mijn zuster (4 delen) (1979)
- 1: Motieven, etiek
- 2: Theorie en praktijk
- 3: Ons lichaam
- 4: De mannelijke god
Radio-scenario:
- Roerig Rotterdam, of het jaar dat Luns lid van de NSB werd
(1979)
Overig non-fictie:
- Herinneringen aan Trude Benedic: een vrouw in verzet (1980)
Vertalingen:
- T.A. Jackson, Waarom socialisme? (1946)
- D. Zaslawsky, Sovjet-democratie: experiment of raadsel? (1947)
Vertaald:
- Clouds on the way : Beige, april (1999)
- Zeitgedichte (1930-1958) (vertaald door Marianne Kröger)
(2001)
Sonja Prins schreef een nawoord voor:
- Trude Benedict, Herinneringen van een mijnwerkersvrouw (1979)
Bloemlezingen:
- Nieuwe Nederlandse dichtkunst: bloemlezing uit niet eerder
gepubliceerde gedichten van de jaren tachtig (1987)
'Gebloemleesd'
Poëzie:
- 3 gedichten in 'Spiegel van de Nederlandse poëzie door
alle eeuwen 1900-1940', samengesteld door Victor E. van Vriesland
(1953)
- 1 gedicht: 'Geen stem' in 'Nieuwe griffels schone leien',
samengesteld door Paul Rodenko (1954)
- 1 gedicht: 'Ik moet je denken' in 'Windrozen per bos. Een
bloemlezing uit De Windroos 1950-1955' (1955)
- 1 gedicht: 'Komt er een dag' in '1 pk. Honderd gedichten
van honderd dichters', verzameld door Hans van Straten (1958)
- 1 gedicht: 'Elk impressionisme' in 'Dichters omnibus 11e
bloemlezing', verzameld door Ad den Besten (1964)
- 1 gedicht: 'Onweer' in 'Veelzijdig, Werk van Nederlandse
schrijfsters na 1918', gekozen en ongeleid door Hella S. Haasse
(1979)
- 1 gedicht: 'Portret' in 'De Nederlandse poëzie van de
19de en 20ste eeuw in 1000 en enige gedichten, samengesteld door
Gerrit Komrij (1980)
- 1 gedicht: 'Kanttekening bij Roszak, notitie 29' in 'Is dit
genoeg: een stuk of wat gedichten (2 delen), samengesteld door
C. Buddingh' en Eddy van Vliet (1982)
- 2 gedichten in 'Het land der letteren', samengesteld door
Adriaan van Dis en Tilly Hermans (1982)
- 1 gedicht: 'Als je komt' in 'Ons poëtisch Dichtersland.
Nederlandse dichters kiezen hun eigen voorkeursgedicht', redactie
Ernst van Altena en Jan Veldhuizen (1988)
- 1 gedicht: 'mee met de tros' in 'Woorden in vrijheid. Nederlandse
en Vlaamse dichters op Poetry International 1970-1990', samengesteld
door Martin Mooij (1990)
- 1 gedicht: 'Aan onze kinderen' in 'Groot verzenboek. Vijfhonderd
gedichten over leven, liefde en dood. Een thematische bloemlezing
uit de Nederlandstalige poëzie van de twintigste eeuw',
samengesteld door Jozef Deleu (1999)
- 3 gedichten in 'Komrij's Nederlandse poëzie van de 19de
t/m de 21ste eeuw in 2000 en enige gedichten', verzameld door
Gerrit Komrij (2004)
Proza:
- 1 verhaal: 'De drie gezellen' in 'Kristal. Letterkundige
productie 1935', red. Emmy van Lokhorst en Victor E. van Vriesland
(1935)
- 1 citaat in 'Groot Literair Citatenboek van Nederlandse en
Vlaamse auteurs uit de 19e en 20e eeuw', samengesteld door Gerd
de Ley (z.j.): 'Fascisme is de ideologie van de hiërarchische
mythe, die niet terugkeert als farce maar als misdaad.'
Tijdschriften:
- Sonja Prins was oprichtster en redactrice van 'Front' (1930/1931).
- Sonja Prins organiseerde in het begin van de Tweede Wereldoorlog
de verspreiding van het illegale blad De Vonk.
- Sonja Prins was vanaf 1948 secretaresse van het theoretisch
maandblad van de CPN 'Politiek en Cultuur'.
- Sonja Prins was redacteur van 'De Nieuwe Stem'.
Diversen: (Zonder
een schijn van volledigheid)
- Lidy Nicolasen, 'De eeuw van Sonja Prins: burgerkind, revolutionair,
kluizenaar' (2009)

Waardering:
- Op 24-09-1981 kreeg zij het verzetsherdenkingskruis uitgereikt.
- In 2006 was Sonja Prins eregast op het Utrechts Literatuur
Festival. Helaas moet zij op het laatste moment afzeggen. Het
optreden bleek een te zware belasting. Wim Hazeu gaf wel een
lezing over haar.

Opmerkingen:
- Sonja Prins was de dochter van Apie Prins (wereldburger,
Tabaksplanter, vertaler, schrijver van 'Ik ga m'n eige baan')
en Ina Elisa Willekes Macdonald (Onderwijsvernieuwster en actief
in de vrouwenbeweging, de communistische partij en de vredesbeweging).
- Het gezin reisde over de wereld. Ze woonden o.a. in Californië,
Canada, Londen, Haarlem, Zwitserland, Amersfoort, Bilthoven en
Baarn.
- Sonja Prins ging naar een gymnasium in Baarn. Ze maakte deze
school niet af.
- Ze werkte op een confectie-atelier.
- Sonja Prins was voor de Tweede Wereldoorlog lid van de communistische
partij.
- Ze trouwde in 1934. Ze kreeg drie kinderen (waaronder een
tweeling). Ze scheidde in 1939.
- Ze kon aan het begin van de Tweede Wereldoorlog als secretaresse
werken bij staalfabriek Denka en organiseerde vanuit die positie
de verspreiding van het illegale blad De Vonk.
- Sonja Prins sloot zich aan bij het communistische verzet.
Ze werd opgepakt (samen met haar moeder) en zat gevangen in Scheveningen
en in Mecklenburg.
- Sonja Prins werd in februari 1942 op transport gesteld naar
Ravensbrück. De gedichten in 'Brood en rozen' schreef ze
in het concentratiekamp. Vlak voor de bevrijding wist ze uit
het concentratiemap te ontsnappen.
- Na de oorlog werkte ze op het Buro Vermiste Joodse Pleegkinderen,
later bij Pegasus en tot 1956 als secretaresse van het theoretisch
maandblad van de CPN 'Politiek en Cultuur'. Ze verliet de CPN
in 1956 (vanwege de reactie van de CPN-leiding op de misdaden
van Stalin en op de Hongaarse opstand). De BVD zorgde ervoor
dat ze - vanwege haar CPN-verleden - nergens werk kreeg. Ze werkte
jarenlang via een uitzendbureau als typiste.
- Samen met haar vriendin Meertje Ader richtte ze begin jaren
'70 de uitgeverij SoMA op. (SoMA een samentrekking van Sonja's
voornaam en de initialen van haar vriendin.)
- Sonja Prins woonde vanaf 1972 in 'De Boshut' (letterlijk
een hut in het bos) in de buurt van Baarle-Nassau. Ze kocht het
vervallen huis van haar verzetspensioen.

Anderen over Sonja Prins:
- Wars van dogmatisme, gepauwestaart en gezwets als zij is,
gelooft zij niet meer in een nieuw "Walhalla". Wel
wordt haar levensvisie getekend door mededogen met vervolgden
en onderdrukten, in het heden zowel als in het verleden. Worstelend
met het "Duitserbeeld" ziet zij in haar dromen verwante
Duitsers als Paul Klee en Käthe Kollwitz oprijzen naast
de sadisten uit de concentratiekampen. De pijn, de uitputting,
de dood van zovelen zal zij als "veteraan" nooit kunnen
kwijtraken. Toch blijft ze zich solidair voelen met elke politieke
actie die humaniteit voorstaat. Ze verpakt haar nobele ideeën
echter niet in onmiddellijk aansprekende poëzie: ze redeneert
meer dan dat ze "laat zien". (Els van Geene, Biblion,
over 'Op een kale winderige vlakte')
- Het hoge voorhoofd is blank en rimpelloos, de grote uilenbril
en een loep compenseren een afnemend gezichtsvermogen. Alleen
haar gehoor is slecht als gevolg van de mishandelingen in Ravensbrück.
De meeste gegevens van dit interview zijn ontleend aan haar brieven
en de telefoongesprekken. "Ik kan beter door de telefoon
verstaan, daar zit een versterker ingebouwd." (Ton Delamarre,
bb.stoep.org, februari 2003)
- Op foto's ziet ze eruit als een tanig heksje. Lang grijs
haar, samengeraapte kleren en een enorme uilenbril. Het heeft
iets tragisch: een allang vergeten dichteres zit als een bezetene
te dichten in een boshut, en geeft haar werk, bij gebrek aan
een echte uigever, zelf uit. Toch moet je na lezing van De
eeuw van Sonja Prins concluderen dat deze jaren voor de dichteres
de gelukkigste waren. Niks tragisch. De oorlog, de armoede, het
moederschap, het verlies van de kameraden, de hoon, de haat -
het was allemaal voorbij. (Aleid Truijens, Volkskrant, 17-04-2009)

Mijn favoriete citaat:
ik hou niet van gladheid
ook al zijn het appels
met hun voltooide
en volledige vruchtvlees
zonder meer een vooroor-
deel natuurlijk
want hoe zouden wij leven
als er niet ergens
voltooiing wachtte
(Sonja Prins, Persoonlijk (fragm.),
Ademhuis)

Links:
Terug naar de eerste pagina /homepage
Citaten zoeken op trefwoord
Overzicht van trefwoorden
Citaten zoeken op auteur
Overzicht van auteurs
Overzicht van bibliografieën
Andere interessante internet-bladzijden
Vanaf 16-01-2008
Bronnen o.a.:
- Lexicon van de moderne Nederlandse literatuur (1978)
- Spectrum Nederlandstalige auteurs (1985)
- Winkler Prins lexicon van de Nederlandse letterkunde (1986)
- Prisma van de pseudoniemen (1992)
- Volkskrant (23-12-2006)
- Website Koninklijke Bibliotheek
©2009 Mats
Beek, Veenendaal