
Achternaam: Tamminga
Voornaam: Douwe
Doopnamen: Douwe Annes
Geboren: 22-11-1909
Te:Winsum
Overleden: 05-04-2002
Te: Leeuwarden

Pseudoniem(en): D.A. Tamminga gebruikte
het pseudoniem Tysker.

|
Voor tweedehands boeken |
Af en toe ook van D.A. Tamminga |
|
Raban Internet Antiquariaat |
Klik
hier ! |

Werk:
Poëzie:
- Brandaris (1938)
- Balladen en lieten (1942)
- It griene jier (illegaal uitgegeven in 1943)
- Leksums (1945)
- Nije gedichten (1945)
- Balladen (1956)
- Floedmerk (1965)
- In memoriam (1968)
- Tsien Psalmen (1973)
- Dagen fan heil (1973)
- Stapstienen (bloemlezing) (1979)
- Senesco (1984)
- Bûnte risping (1984)
- lof fan it wetter (rijmprent) (1990)
- It griene jier (tweetalig, vertalingen van Annie Pansier)
(1995)
- De citadel (bloemlezing, vertalingen van Jabik Veenbaas)
(1999)
Proza:
- Frjemdfolk op Barrahiem (1978)
- Fan hearren en sizzen (anekdotes) (1981)
- De boumaster fan de Aldehou (1985)
Toneel:
Vertalingen/bewerkingen:
- D.A. Tamminga vertaalde eigen werk in het Nederlands.
- H.C. Andersen, Folksforhalen en mearkes (1943)
- Nyckle Haisma, Wrotters fan de Froskepôlle (1949)
- 1 gedicht van Y. Poortinga': 'Tjeukemeer' in 'Apollo's reis
door Nederland. Een verzameling geografische gedichten', samengevoegd
door Laurens van der Waals (1956)
- P. Langendijk, Don Quichot op'e brulloft fan Kamacho (1966)
- Dylan Thomas, In winterforhael (1974)
- Met G. Brouwer en B. Smilde vertaalde Tamminga de psalmen
voor de Friese uitgave van 'Liedboek voor de kerken' (1977)
- Hy droeg uwze smerten (nei Jacobus Revius, yn 17e ieusk Frysk
oerset troch D.A. Tamminga, Hij droech onse smerten) (1980)
- Bûnte risping (Oersettingen yn it Frysk; net yn'e hannel)
(1984)
- Hans Christian Andersen, Folksferhalen en mearkes (1984)
- Lotte Nyholm, Wa wol Misja ha? (1984)
- Edgar Allan Poe, De Raven (1984)
- Gysbert Japicx. Gedichten (1989)
- Klaas de Jong, De blomkoalkening (Libbensferhaal fan in Fryske
lânferhuzer yn Kanada) (1993)
- D.A. Tamminga vertaalde Spaanse copla's van Hendrik de Vries
- D.A. Tamminga bewerkte 25 psalmen en 134 gezangen voor de
Friese versie van het Liedboek voor de kerken.
Vertaald:
- Teun de Vries vertaalde 'In memoriam' in het Nederlands (1975)
- Anne Wadman vertaalde werk van D.A. Tamminga in het Nederlands.
Overig non-fictie:
- Styl en stavering (1942)
- Op 'e taelhelling (2 delen) (1963/1973)
- Kantekers (1985)
D.A. Tamminga schreef een inleiding voor:
- Douwe Hermans Kiestra, Samle fersen (1982)
Bloemlezingen:
'Gebloemleesd'

25 Fryske Dichters
Poëzie:
- 5 gedichten in 'Fiif en tweintich Fryske Dichters', samengesteld
door Fedde Schurer (1942)
- 11 gedichten (+ vertaling) in 'Frieslands dichters', samengesteld
door Wadman (1949)
- 1 gedicht: 'Ballade van Mata Hari' in 'Balladen en Refereinen',
bijeenverzameld door C. Buddingh' (z.j.)
- 1 gedicht: 'Tinkend oan Amsterdam', in 'als die stad eens
ommeviel... Dichters over Amsterdam', samengesteld door Wim Ramaker
(1975)
- 1 gedicht: 'Krystlietsje' in 'En allen die het hoorden verbaasden
zich. Gedichten over een geboorte' samenstelling Wim Ramaker
(1976)
- 6 gedichten in 'Kar út. Fjouwer ieuwen Fryske poëzij',
samle fan K.F. Gildemacher e.a. (1977)
- 1 gedicht: 'Dit net' in Gedichten tegen de oorlog', samenstelling
Wim Ramakers (1977)
- 2 gedichten in 'Het land der letteren', samengesteld door
Adriaan van Dis en Tilly Hermans (1982)
- 7 gedichten (+ vertaling) in 'Spiegel van de Friese poëzie'
(1994)
Tijdschriften:
- Tamminga was in 1946 mede-oprichter van 'De Tsjerne' en was
er jarenlang (1946-1967) redactiesecretaris van.
- Tamminga publiceerde in de 'Leeuwarder Courant'.
Diversen: (Zonder een schijn
van volledigheid)
- 'De Tsjerne' gaf in 1959 een D.A. Tammniga-nummer uit.
- 'Mild èn tegendraads' (over Fedde Schurer), in 'Dwarsliggers
nonconformisten op de levensweg van Ds. J.J. Buskes' (1974),
Opgedragen aan J.J. Buskes bij zijn 75e verjaardag.
- D.A. Tamminga schreef een inleiding bij 'Samle fersen' van
Obe Postma (1978)
- 'In string fersen' (1999), feestbundel t.g.v. Tamminga's
90e verjaardag.
- Een steen met het gedicht: 'Aed Levwerd' van D.A. Tamminga,
in de Grote Kerkstraat in Leeuwarden, in het kader van 'Poëzie
op straat'.

Literaire prijzen:
- Gysbert Japicx-priis 1957 voor 'Balladen'.
- Piter Jelles-prijs 1986 voor 'De boumaster fan de Aldehou'.
- Dr. Obe Postma-priis 1990 voor zijn vertalingen.
D.A. Tamminga was lid van de jury voor de volgende prijzen:
- Gysbert Japicx-priis 1953, 1959
- Ook in 1977 was D.A. Tamminga lid van de jury voor de Gysbert
Japicx-priis. De jury kwam niet tot een keuze en gaf de opdracht
terug. Gedeputeerde Staten van Friesland riep toen Jan Wybenga
tot prijswinnaar uit voor 'Lyts Frysk deadeboek'.
- Provinsiale toanielpriis 1969, 1970

Opmerkingen:
- D.A. Tamminga werd geboren in Winsum, aan de Brêgebuorren.
- Na de lagere school werkte hij als boerenknecht en als timmerman.
- D.A. Tamminga haalde in 1933 de onderwijsacte en werd onderwijzer.
- Van 1935 tot 1942 werkte hij in de werklozenzorg.
- Van 1942 tot 1968 werkte hij als leraar aan de Rijks-HBS
in Sneek en woonde ook in Sneek. Later woonde hij in IJsbrechtum.
- D.A. Tamminga was van 1968 tot zijn pensionering in 1974
wetenschappelijk medewerker aan de Fryske Akademy in Leeuwarden.
Hier werkte hij aan de samenstelling van het 'Great Frysk Wurdboek'.
- In zijn poëzie geeft D.A. Tamminga blijk van technisch
raffinement en een virtuoos taalgebruik.
- D.A. Tamminga schreef veel balladen, zo gaf hij o.a. de Amelandse
sage over Rixt van 't Oerd vorm in 'Ballade fan wylde Rixt fan
't Oerd' zijn definitieve (Amelander) vorm en herdacht hij Mata
Hari in 'De ballade fan Mata Hari'.
- In 1883 werd de vissersvloot van Peasens-Moddergat vernietigd.
Aan de Zeedijk staat een monument om dit te herdenken, met een
kwatrijn van D.A. Tamminga:
As de dea it skip birint
Dan is der gjin ûntkommen
O wetter, o wif elemint
De sé hat jown, hat nommen.
- D.A. Tamminga gold als de 'Grand Old Man' van de Friese poëzie.
- D.A. Tammniga woonde vanaf 1990 in Leeuwarden.
- Het Frysk Letterkundich Museum en Dokumintaasjesintrum bezit
een tekening van D.A. Tamminga door Paul Citroen, gemaakt t.g.v.
zijn 60e verjaardag.

Anderen over D.A. Tamminga:
- Zijn poëzie kenmerkt zich door markante plastiek, vormkracht
en subtiele taalbeheersing. (Moderne encyclopedie van de wereldliteratuur,
blz. 228)
- Plechtigheid, vormelijkheid en een neiging de poëzie
te gebruiken om gevoelens van wanhoop, ontgoocheling en verdriet
te bezweren, het zijn de instrumenten van Tamminga's dichterschap.
(Michaël Zeeman, Volkskrant, 10-12-1999)
- Tamminga is een dichter in de klassieke betekenis van het
woord: hij is een maker, die niet rusten zal eer hij zijn thema
in precies die strenge regels heeft weten te vangen, die op hun
beurt weer net die ene solide vorm aannemen, die als het ware
van oorsprong af voor dat specifieke gedicht klaarlagen. (Michaël
Zeeman, Volkskrant, 10-12-1999)

Mijn favoriete citaat:
Als door die ruimt', drieschepig
en verheven,
het orgel ruist als een gedreven wind,
dan komen oude eeuwen tot nieuw leven,
schoonheid én huivering, gevreesd, bemind.
(D.A. Tamminga, Martinikerk te Bolsward
(fragm.),
in: Het land der letteren, blz. 140)

Uit mijn weblog, 30 april 2009:
Op de dijk in Moddergat staat een monument ter herinnering
aan drieëntachtig in 1883 omgekomen vissers uit Peasens-Moddergat.
Op het middelste gedeelte van het monument staat o.a. een kwatrijn
van D.A. Tamminga: As de dea it skip birint / Dan is der gjin
ûntkommen / O wetter, o wif elemint / De sé hat jown,
hat nommen. Op vier lage vrijstraande muurtjes, die deel van
het monumtent als geheel uitmaken, staan de namen van de omgekomen
vissers, per vissersboot bij elkaar. Zóveel namen, daar
word je stil van.
Tegenover het monument is een klein museum dat in vijf gerenoveerde
vissershuisjes herinnert aan die ramp én aan het harde
leven van de vissersgezinnen. Men viste met netten en fuiken,
maar ook met lijnen van meer dan een kilometer lengte met daaraan
duizenden haken. Het was de taak van de vissersvrouwen om op het
drooggevallen Wad zeepieren te steken. Deze werden aan die haken
gedaan. Voor één boot waren er voor één
keer vissen zesduizend (!) van die zeepieren nodig. Wat een beulswerk!
Het opgraven van die pieren én het aan de haken doen van
die pieren. En dat in een zich steeds herhalende regelmaat. Als
er dan vis gevangen was, gingen de vissersvrouwen lopend met twee
emmertjes aan een juk (tien kilometer) naar Dokkum om die vis
uit te venten. Wat een onvoorstelbaar zwaar leven was dat. Als
je zo'n verhaal tot je door laat dringen (nog los van alle verdronken
zeelui) weet je weer waarom je in je hart socialist bent.

Links:
Terug naar de eerste pagina /homepage
Citaten zoeken op trefwoord
Overzicht van trefwoorden
Citaten zoeken op auteur
Overzicht van auteurs
Overzicht van bibliografieën
Andere interessante internet-bladzijden
Vanaf 03-07-1999
Bronnen o.a.:
- Lexicon van de moderne Nederlandse literatuur (1978)
- Winkler Prins pocketencyclopedie (1982)
- Querido's letterkundige reisgids van Nederland (1983)
- Moderne encyclopedie van de wereldliteratuur (1984)
- Spectrum Nederlandstalige auteurs (1985)
- Nederlandse literaire prijzen 1880-1985 (1986)
- Encarta '98 (1997)
- Schrijvers. 2000 auteurs van de 20e eeuw van A tot Z (2002)
- Poëzie op straat. Poëzieroute Leeuwarden (2004)
©2009 Mats
Beek, Veenendaal
Met dank aan Teake Oppewal