
Achternaam: Veterman
Voornaam: Ed. (Eduard) (eigenlijk
heette hij Elias)
Geboren: 09-11-1901
Te: Den Haag
Overleden: 28-06-1946
Te: Laren

Pseudoniem(en): Onder het pseudoniem
Allard van Pelt schreef hij enkele detectives. Hij gebruikte ook
het pseudoniem D. Rawde.
Eduard Veterman nam tijdens de Tweede Wereldoorlog de schuilnaam
dr. Eduard Jacques Necker aan.

|
Voor tweedehands boeken |
Ook van Eduard Veterman |
|
Raban Internet Antiquariaat |
Klik
hier ! |

Werk:

Illustratie door Veterman in
'De hoornen van de maan'
Proza:
- De hoornen van de maan (met Jan van Ees) (1924)
- De man die geen miljoen bezat. Een verdichtsel der werkelijkheid
(1929)
- De blauwe sirene
- Naakte maskers. Tooneel-roman
- Godenschemering. roman der guillotine
- t Ging om een millioen (detective)
- Kaliber 13 (detective)
- Vlucht voor de liefde (detective)
- Coulissen mysterie (detective)
- Een Haagsche Tragedie. De comedie der IJdelheid (1941)
- Keizersgracht 763, een Blauwboek (1945)
- De bruiloft van Kloris en Roosje (1946)
- Het laatste tournooi. De comedie der IJdelheid (1947)
Toneel:
- Mijnheer Pirroen (met Felix Timmermans) (1922)
- waar de ster bleef stille staan... Kerstmislegende (met Felix
Timmermans) (1925)
- Leontientje (met Felix Timmermans) (1926)
- De wrekende God (1935)
- De nacht van Bess
- Je maintiendrai
- Mata Hari
- Nova Zembla. Heldendrama
- Vader des vaderlands. Heldendrama
- De profeet en de kanarie
- Wild West
- Triptychon
- Het loopt toch anders dan je denkt
- Oranje Hotel (1945)
- Lysistrata (1946)
Vertalingen:
- De krijtkring. Naar Klabund's bewerking van Li-hing-Tao's
oud Chineesche tooneelspel
Vertaald:
- Das Spiel von den hl. drei Königen (Triptychon) (1926)
Overig non-fictie:
- Wat niet in Baedeker Den Haag staat (met Hans Martin) (1931)
- Marie van Eijsden-Vink (1924)
- Over den twijfel
- Essais (1941)
Bloemlezingen:
'Gebloemleesd'
Proza:
- 1 citaat in 'Andermans wijsheid', bijeengebracht door K.
ter Laan (1961)
Diversen: (Zonder
een schijn van volledigheid)
- 'Vrij Nederland' had op 10-06-1978 een bijlage over Eduard
Veterman.
- J.W. Regenhardt, 'Het gemaskerde leven van Eduard Veterman'
(1990)
- 'Eduard Veterman (1901-1946) theaterman, schrijver, verzetsheld
een bibliografie'
- Toneelgroep Hilversum en Theatergroep Kane speelden het toneelstuk
'Veterman, eem liquidatie'. Onder regie van en geschreven door
Dick van den Heuvel.
- Gerard Rutten besteedt in zijn boek 'Mijn papieren camera.
Draaiboek van een leven' (1976) aandacht aan Ed.Veterman (blz.
13, 14, 15, 16, 42, 128 en 257).
- Een hoofdstuk over Eduard Veterman in Hans Heesen & Harry
Jansen, 'Pen in ruste. Schrijversgraven in Midden-Nederland'
(2001)

Heeft Eduard Veterman eigenlijk
ooit 'postuum' een onderscheiding ontvangen voor zijn verzetswerk...?
Is er ergens een straat naar hem genoemd?
(Gerard Rutten, Mijn papieren camera.
Draaiboek van een leven, blz. 257)

Opmerkingen:
- Eduard Veterman werd op 9 november 1901 in Den Haag, in het
Spuikwartier, geboren als zoon van eenvoudige joodse ouders.
Zijn vader was verhuizer.
- Eduard Veterman studeerde aan de Academie voor Beeldende
Kunsten in Den Haag.
- Tijdens zijn opleiding schreef Veterman een groot bijbels
drama in verzen 'Zonde'. Het werd, omdat er geen toneelgezelschap
belangstelling voor had, met vrienden ingestudeerd. Ook decors
en kostuums werden zelf gemaakt en ze huurden op een zaterdagmiddag
de Koninklijke Schouwburg (heel ongebruikelijk in die tijd) om
het stuk op te voeren. Het werd een succes en de critici waren
mild. Ze zagen in Veterman een schrijver en regisseur met toekomst.
- Hij richtte een eigen toneelgezelschap op, schreef zelf toneelstukken,
ontwierp decors en kostuums en schreef kritieken. Ook vertaalde
hij toneelstukken.
- Op zijn vierentwintigste werd hij directeur van het Haagse
Odeon Theater aan de Herengracht. Na zes maanden was het theater
failliet.
- Later begon hij het literair Cabaret De Tooverbal. Ook dit
werd geen succes.
- De roman 'Hoornen van de maan' werd door hem zelf geïllustreerd.
 |
Illustratie door Veterman
'Hoornen van de maan"
blz. 97 |
- In 1935 vestigde hij zich in Menton, aan de Franse Rivièra.
Hier ontmoette hij Kathy van Witsen. Ze trouwden en kregen op
23-04-1937 een dochter.
- In 1939 kwam het gezin terug naar Nederland. Ze gingen in
Blaricum wonen aan de Eemnesserweg.
- Tijdens de oorlog veranderde hij zijn naam in dr. Eduard
Jacques Necker (afstammeling van de Franse baron Necker, minister
van financiën onder Lodewijk de zestiende). Hij maakte zelf
valse persoonsbewijzen en geboorte-actes. In feite bracht hij
in praktijk wat hij jaren eerder al in zijn roman 'De man die
geen miljoen bezat' had beschreven.
- Met vrouw en dochter dook hij onder op Keizersgracht 763.
- Tijdens de bezetting zat Veterman in het verzet. Hij vervalste
paspoorten. Hij werd op 11-10-1943 opgepakt door de Duitsers.
Vetermann belandde in een gevangenis in Lüttringhausen.
De Duitsers kwamen er niet achter dat hij Joods was. Hij overleefde
de oorlog, ondanks enkele doodvonnissen. In de Duitse gevangenis
schreef hij een bizar kookboek: 'Het Evangelie van Luccullus'.
- Na de oorlog gaf Prins Bernhard hem de opdracht een boek
te schrijven over de Binnenlandse Strijdkrachten. Toen Veterman
aankondigde daarin ook het amateuristisch gedrag van de regering
in Londen aan de kaak te stellen, werd de opdracht ingetrokken.
Veterman besloot dan het boek op eigen kracht te schrijven. Het
boek ging 'Balans der misère' heten.
- Eduard Veterman nam na de oorlog geen blad voor de mond.
Hij nam de autoriteiten amateuristisch gedrag tijdens de oorlog
kwalijk (agenten werden vanuit Engeland gedropt met in hun zak
briefjes van duizend gulden en zeer slecht vervalste persoonsbewijzen).
Ook zei hij de waarheid over acteurs die voor de Duitsers waren
blijven spelen. Mede hierdoor liet de officiële toneelwereld
hem na de oorlog links liggen.
- Op 28-06-1946, 's avonds om negen uur, kwam hij, samen met
zijn zwangere vrouw, om bij een auto-ongeluk in Hilversum (Vredelaan,
kruising met de voorrangsweg Amsterdam - Amersfoort). Hij werd
overreden door een militair voertuig (Een grijsgroene tweetonner
van de derde compagnie aan- en afvoertroepen). Er werd gespeculeerd
over een liquidatie (Er werd herinnerd aan de dood van pater
Bleys die een jaar eerder eveneens bij een auto-ongeval om het
leven kwam onder verdachte omstandigheden. Veterman en Bleys
hadden twee dingen gemeen: één: ze waren allebei
belangrijke verzetsmensen, en twee: ze hadden hetzelfde garagebedrijf.
Bij die garage in Utrecht werkte voormalige NSB-ers). Er kon
niets worden bewezen. De eerlijkheid gebiedt ook te zeggen dat
Veterman bekend stond als een slecht chauffeur. Hij had op dit
kruispunt waarschijnlijk ook voorrang moeten verlenen. Het manuscript
van 'Balans der misère' bleek onvindbaar.
- Zijn echtgenote was op slag dood. Hijzelf kreeg nog eerste
hulp en werd naar het St.-Jans-Ziekenhuis in Laren gebracht.
Hier overleed hij even na middenacht. Als datum van overlijden
wordt meestal 28-06-1946 opgegeven. Als hij na middernacht overleed,
moet dit dus 29-06-1946 zijn.
- Op 4 juli 1946 werden ze begraven op begraafplaats Den en
Rust aan de Frans Halslaan in Bilthoven (dubbelgraf 2-P-33)

Anderen over Eduard Veterman:
- Misschien is geen enkel kunstenaar in Den Haag zoo Haagsch
als hij. Hij loopt niet, hij schrijdt. Hij ijlt niet, hij drentelt.
Hij fietst niet, hij rijdt paard. Alleen hij chaufeert niet.
Maar:
hij láát zich chauffeeren, dat is Haagscher
dan Haagsch. Hij ontwerpt decors voor het Hofstadtooneel, hij
regisseert, hij bewerkt tooneelstukken: hij schrijft ze zelf,
hij pleegt boeken en schilderijen. (Wat niet in Baedeker Den
Haag staat)
- Zijn romans zijn doorgaans geestig en vlot verteld, raak
van typering en gedoseerd met een vleugje bijtende ironie, vooral
op de high-life wereld ; af en toe echter ontsierd door een zwoele
bladzijde. (Lectuur Repertorium S-Z III, blz. 2994)
- Klokkenluider Eduard Veterman stierf op 29 juni 1946, omdat
een vrachtwagen van het leger op zijn auto inreed. Veterman zou
geliquideerd zijn omdat 'hij te veel wist en een last was voor
de autoriteiten. Hij werkte aan boek over misstanden tijdens
de Tweede Wereldoorlog. (internetsite 'Hot links: liquidaties
in Nederland')
- Eduard Veterman, toneelman in hart en nieren, was zowat het
tegenbeeld van de Lierenaar (Felix Timmermans): een gedreven,
uiterst modieus geklede, verfijnde estheet, een dandy en poseur
die al op jonge leeftijd zijn leven wilde wijden aan Cultuur
met een grote C, die zich in het grootstadsleven stortte en zijn
avonden in de theaters doorbracht. (Stijn Vanclooster, 'Een verhaal
rond Pirroen. Uitleiding bij de heruitgave van Mijnheer Pirroen
van Felix Timmermans')
- En dan was er een jongen die ik eerst niet mocht. Ik was
zelfs een beetje bang voor hem. Hij leek hooghartig en ijdel.
Hij had altijd een spottend lachje om zijn mond. Hij geneerde
zich zich er niet voor dat zijn ouders arme joden waren die in
een sloophuis woonden. Zijn naam was Eduard Veterman. Hij fascineerde
me en werd tenslotte mijn grote vriend. Hij sleurde me een nieuwe
wereld binnen. Zijn wereld!
Veterman had een fijn gezicht. Donkere ogen. Hij maakte een wat
verwijfde indruk. Zijn bewegingen ... zijn kleding. Ik wist soms
niet of hij een of andere rol speelde. Hij was een geboren acteur.
Maar geen toneelspeler. (Gerard Rutten, 'Mijn papieren camera.
Draaiboek van een leven', blz. 13/14)
- Elias Veterman, later gaf hij de voorkeur aan Eduard, werd
geboren op 9 november 1901 in het Haagse Spuikwartier, als zoon
van een joodse verhuizer. Hij ontwikkelde zich tot een maniakale
werker die schilderde en tekende - hij werd opgeleid aan de Haagse
Academie voor Beeldende Kunsten -, toneeldecors en kostuums ontwierp,
kookte als een meesterkok, en de relativiteitstheorie beter kon
uitleggen dan Einstein zelf. Bovendien schreef hij een oeuvre
bij elkaar van dertig toneelstukken, vijftien romans en talrijke
toneelbewerkingen, cabaretteksten, kritieken en cursiefjes, waarvan
hij hoopte dat he nageslacht het ooit nog eens als presse-papier
zou gebruiken. Tegelijkertijd was hij een dandy, een Hollandse
Oscar Wilde, die zich mateloos kon opwinden over de aanschaf
van de juiste hoed. (Hans Heesen & Harry Jansen, 'Pen in
ruste. Schrijversgraven in Midden-Nederland, blz. 206)

Mijn favoriete citaat:
Armoede is geen schande, leerde een schijnheilige
negentiend' eeuwse moraal.
Maar ze is lastig en verdrietig, en verhoogt je crediet geenszins.
Men vertrouwd zijn portefeuille niet aan iemand met kapotte schoenen.

Links:
Terug naar de eerste pagina /homepage
Citaten zoeken op trefwoord
Overzicht van trefwoorden
Citaten zoeken op auteur
Overzicht van auteurs
Overzicht van bibliografieën
Andere interessante internet-bladzijden
Vanaf 10-06-2006
Bronnen o.a.:
Veterman onbreekt in vrijwel alle (gebruikelijke) handboeken,
wel vond ik informatie in:
- div. internetpagina's
- Lectuur Repertorium S-Z III (1954)
- Hans Heesen & Harry Jansen, Pen in ruste. Schrijversgraven
in Midden-Nederland (2001)
©2008 Mats
Beek, Veenendaal