Rudolf Geel
Profiel
Achternaam: Geel
Roepnaam: Rudolf
Voornamen: Rudolphus Johannes
Geboren: 27-01-1941
Te: Amsterdam
Pseudoniem(en): Hij publiceerde in eerste instantie als Rudolf J. Geel. Hij gebruikte het pseudoniem Jakob van Riel voor 'De achtste hoofdzonde'.
| Voor tweedehands boeken | Ook van Rudolf Geel |
| Raban Internet Antiquariaat | Klik hier ! |
Werk
Proza
- De magere heilige (1963)
- De weerspannige naaktschrijver (1965)
- Met een flik in bed (met J.W. Holsbergen) (1966)
- Een afgezant uit niemandsland (1968)
- De terugkeer van Buffalo Bill (verhalen) (1971)
- Bitter & zoet (verhalen) (1975)
- Genoegens van weleer (verhalen) (1976)
- Een gedoodverfde winnaar (1977)
- De ambitie (1980)
- Ongenaakbaar (1981)
- Reservaatbewoners (bibliofiel, 150 ex.) (1982)
- Het moet allemaal nog even wennen (verhalen) (1983)
- Verleidingen (verhalen) (1985)
- De vrouwenbron (1986)
- Dode bladeren (jaarwisselingsgeschenk, 200 ex.) (1986)
- De paradijsganger (1988)
- Een middag in het Casino Slavante (bibliofiel, 60 ex.) (1990)
- Trage schaduwen (verhalen) (1991)
- Bussum (bibliofiel, 125 ex.) (1991)
- Dierbaar venijn (1992)
- Een dichteres uit Los Angeles (verhalen) (1994)
- De vervoering (1995)
- Bloedmadonna (1998)
- Engelenspel (2010)
- Twee: een onvoorwaardelijke liefde (2011)
- Volmaakte mannen (2013)
- In Heidelberg (bibliofiel, 72 ex.) (2013)
- De dag waarop ik Churchill tegenkwam: autobiografische verhalen (2020)
Voor kinderen:
- De dreigende stilte van taalland (1982)
Toneel
- Wimbledon (1979)
- The wave (dialogen) (1992)
Hoorspelen
- Laatste reis van Dr. Falcon (NCRV, 1970)
- Eén-nul (NCRV, 1971)
- Gieren (NCRV, 1971)
- Tijdstippen (1974)
- Hij leve hoog (NCRV, 1975)
- Verbroken zegels (NCRV, 1976)
- Leeg bestaan (NCRV, 1977)
- Stroomopwaarts (NCRV, 1977)
- Vochtplekken (NCRV, 1977)
- Geschiedenis herhaalt zich (NCRV, 1979)
- Compromis (NCRV, 1980)
- Wachten (NCRV, 1980)
- Grote en kleine vissen )NCRV, 1981)
- Persoonlijk opstel (NCRV, 1981)
- Ochtendlicht (NCRV, 1982)
- Reizigers (NCRV, 1981)
- Het goede leven (1984)
- De tuinfluiter (1984)
- Kerstmis (NCRV, 1986)
- Geen tijd voor tegenspraak (NCRV, 1987)
- Oponthoud (BRT/NCRV, 1988)
Overig non-fictie
- Schijnhelden en nepschurken: beschouwingen over het beeldverhaal (met R.H. Fuchs) (1973)
- Hoe zet ik mijn gedachten op papier: het schrijven van essays, wetenschappelijke teksten en groepsverslagen (1977)
- Wat opstelschrijvers moeten weten: een praktische handleiding bij het schrijven van opstellen en verslagen (1980)
- Al is de waarheid nog zo snel (1980)
- Een vrouw als een gedicht (1980)
- Verliefdheid is een raar gevoel (1980)
- Witte heren, groene velden (1988)
- Niemand is meester geboren. Geschiedenis van het Nederlandse schrijfvaardigheidsonderwijs in de 19de en 20ste eeuw (proefschrift) (1989)
- We hebben ze weer met genoegen bekeken...: Cornelis Jetses, uitgeverij J.B. Wolters en het Nederlandse taalonderwijs : Drents Museum Assen, Museum Mr. Simon van Gijn Dordrecht, Goltziusmuseum Venlo (met Rik Vos) (1989)
- The end of ideologies: 53rd International PEN Congress 7-12 May 1989 Maastricht, The Netherlands = La fin des ide´ologies: 53ie`me Congre`s International du PEN-Club du 7 au 12 mai 1989 Maastricht, Pays-Bas (met anderen) (1990)
- Schrijven voor een groot publiek: handleiding voor het schrijven van teksten voor de media (met Peter Douma) (1990)
- Beter schrijven met de tekstverwerker (met Peter Douma) (1991)
- Volmaakte schrijvers schrijven niet: over het scheppingsproces van literaire en andere teksten (1995)
- Een hoorbare stem (rede) (1997)
- Concreet en beeldend preken (met Paul Oskamp) (1999)
- Een bijdrage in 'Tekst bij beeld: verslag van een onderzoek naar teksten bij schilderijen' (2000)
- Speech! speech!: schrijf een succesvolle toespraak (2004)
- BVT pakt het aan: buurtveiligheidsteam maakt Van der Pekbuurt steeds veiliger en schoner (met Stefanie Hendriks) (2010)
Vertalingen
Vertaald:
- Gut predigen: ein Grundkurs (Duitse vertaling van 'Concreet en beeldend preken' door Klaus Blömer) (2001)
Bloemlezingen
Tijdschriften
- Rudolf Geel was van1972 tot 1982 redacteur van 'De Gids'.
- Rudolf Geel schreef een column in het studentenblad 'Folia Civitatis'.
- Rudolf Geel publiceerde in, 'Tirade', 'Vandaag', 'De Vlaamse Gids', 'Vrij Nederland', 'Intermagazine', 'Literatuur', 'Tijdschrift voor taalbeheersing' en in 'Komma'.
Over Rudolf Geel
- 2 hoofdstukken over Rudolf Geel in 'Woord en schroom' van Hugo Bousset (1977)
- 'De Vlaamse Gids' bracht in juli-augustus 1980 een Rudolf Geel-nummer uit.
- 1 recensie: 'De jaren zeventig (Rudolf Geel, Een gedoodverfde winnaar, 1977)' in 'Recensies' van T. van Deel (1980)
- Een bespreking van 'De vrouwenbron' in 'Eerste druk '86. Overzicht en bespreking van Nederlandstalig literair proza dat voor het eerst verscheen in 1986' van Bert Peene (1987)
- Arie Storm, 'Van angst voor de leegte tot euforische berusting. Over 'Verleidingen', 'De vrouwenbron' en 'De paradijsganger' van Rudolf Geel' In 'Bzzlletin 159' (oktober 1988)
- Een bijdrage over Rudolf Geel in 'Kritisch Lexicon van de Nederlandstalige Literatuur na 1945' door Paul de Wispelaere (maart 1981), aangevuld door Monica Soeting (mei 2001)
- 1 hoofdstuk over Rudolf Geel in 'De literaire roeping' van Andreas Van Rompaey (2023)
- 1 hoofdstuk: 'Eigenlijk hebben we het nu over de geschiedenis van mijn verdwijning' in 'De prullenmand heeft veel plezier aan mij: schrijversportretten toen en nu' van Thomas Heerma van Voss (2025)
Diversen
- Een bijdrage in 'Weerwerk: opstellen aangeboden aan professor Dr. Garmt Stuiveling ter gelegenheid van zijn afscheid als hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam' (1973)
- Een zelfportret van Rudolf Geel in 'Schrijvers tekenen zichzelf' (1980). Een uitgave van 'De Revisor'.
- 3 privé-foto's met begeleidende tekst in 'De gevoelige plaat', redactie Lisa Kuitert en Mirjam Rotenstreich (1995)
- In café 'The Little One' (Schoolstraat 4, 4811 WB Breda) vond in de jaren tachtig een literair café plaats. De ruimte hoorde toen nog bij 'De Arent'. Op de muren zijn nog twaalf citaten en gedichten overgebleven uit deze periode. Schrijvers die bij zo'n literair café aanwezig waren, lieten zo iets van zichzelf achter. Ook van Rudolf Geel is er een citaat te lezen.
- 'Bloedmadonna' verscheen in 2000 als Grote letterboek.
- 1 portret van Rudolf Geel in '222 schrijvers. Literaire portretten' van Eddy en Tessa Posthuma de Boer (2005), met het citaat 'Schrijven is een soort schaken: nadenken over je zetten en ze dan plaatsen.'
- Een bijdrage van Rudolf Geel in 'Het geheim van De Klare Lijn: een hommage aan Joost Swarte', redactie George Moormann (2017)
Literaire prijzen
- Raadhuisprijs Bussum 1985
Rudolf Geel was lid van de jury voor:
- Multatuli-prijs 1976
Biografische opmerkingen
- Rudolf Geel werd geboren in Amsterdam en groeide op in de Watergraafsmeer. Zijn vader was bankdirecteur.
- Hij ging naar de School met de Bijbel aan de Hogeweg. Hij ging daarna naar het Willem de Zwijger Lyceum in Bussum.
- Rudolf Geel is Neerlandicus. Hij studeerde Nederlandse taal- en letterkunde in Amsterdam.
- Zijn eerste romans verschenen al toen hij nog studeerde.
- Rudolf Geel was wetenschappelijk (hoofd)medewerker voor Taalbeheersing aan de Universiteit van Amsterdam.
- Hij trouwde in 1966 met Petra Teijgeler. Ze kregen twee kinderen.
- Vanaf 1971 woonde hij in Bussum.
- Eind 1979 kreeg Rudolf Geel tijdens een college een emmer gele verf over zich heen gegooid. Het was een reaktie op een column van hem in 'Folio Civitatis'. Het was een traumatische ervaring voor hem, hij nam zichzelf kwalijk dat hij zich niet verzet had. Hij verwerkte dit gegeven in 'Ongenaakbaar'.
- Terugkerende thema's in het werk van Rudolf Geel zijn de (veranderende) relatie tussen fictie en realiteit en tussen nu en vroeger.
- Rudolf Geel was secretaris en voorzitter van het Nederlands Centrum van de internationale schrijversvereniging P.E.N.
- Hij zat in het bestuur van de Eva tas Foundation, een stichting die een schrijvershuisje op Texel beheerde.
- Hij ging in 2001 met pensioen.
Anderen over Rudolf Geel
- De moeilijkheid werkelijkheid te achterhalen, waarheid en verzinsel als beide subjectieve categorieën uit elkaar te houden, en het verleden op een geldige wijze te reconstrueren, behoort tot de kenmerkende thema's van Rudolf Geels eerste romans. Zo was het eigenlijke thema van De weerspannige naaktschrijver (1965) al het schrijven zelf. De schrijvende schrijver (de weerspannige naaktschrijver) die zich over betekenis en functie van dit schrijven bezint en van daaruit het materiaal opdelft dat tegelijk het project en het resultaat van de bestendig in wording zijnde roman vormt. (Paul de Wispelaere, De Vlaamse Gids, 1980)
- Geels werk vertoont aanvankelijk avantgardistische trekken waaraan verwantschap met het surrealisme niet vreemd is. Maar vooral dient de hele eerste helft van zijn oeuvre gesitueerd te worden in een Europese romanontwikkeling uit de jaren '50 en '60 waarin het schrijven zelf en de mogelijkheden van het verhaal en de fictie ter discussie werden gesteld en mede tot onderwerp van de literatuur werden gemaakt. De manier waarop in sommige verhalen de weergave van de werkelijkheid wordt geproblemiseerd doet denken aan sommige auteurs in de buurt van de Franse nouveau roman, meer bepaald aan Robert Pinget. Met zijn latere werk is Geel echter naar de ook in Nederland ingeburgerde traditie van het psychologisch realisme teruggekeerd. (Monica Soeting, Kritisch literatuur lexicon, mei 2001)
- Nederlanders spreken elkaar bij allerlei gelegenheden graag toe, van de wieg tot het graf. Zo luidt de eerste zin op de achterflap. Met dit boek leer je inderdaad niet alleen hoe je een toespraak maakt, of een speech schrijft die iemand anders moet uitspreken, maar ook wat je in een kort welkomstwoord zegt, of hoe je een begrafenisrede in elkaar knutselt. En zelfs kun je leren hoe je een speech opent in aanwezigheid van de koningin, en hoe je als politicus je publiek wèl kunt boeien. Dit boek is nuttig voor velen onder ons. (Hilde van Belle over 'Speech! Speech!', Tijdschrift voor Taalbeheersing, 2004)
Mijn favoriete citaat
Bezitten beschaafde mensen een caravan?
Het antwoord luidt een driewerf nee!
Beschaafde mensen huren een kasteel in het buitenland. Of blijven thuis.
Onder de dertig en boven de zeventig mogen zij ook kamperen.
Maar wie met een caravan de van tolwegen voorziene wijde wereld intrekt is een barbaar.
(Rudolf Geel, Het moet allemaal nog even wennen, blz. 80)
Bronnen o.a.
- Lexicon van de moderne Nederlandse literatuur (1978)
- Kritisch literatuur lexicon (1980/2001)
- Spectrum Nederlandstalige auteurs (1985)
- Oosthoek Lexicon Nederlandse & Vlaamse literatuur (1996)
- Website van de Koninklijke Bibliotheek (augustus 2025)
